Afschaffing doorsneesystematiek: mogelijke transitiepaden

Het CPB  heeft de mogelijke transitiepaden voor afschaffing van de doorsneesystematiek bij de aanvullende pensioenen uitgewerkt. De afschaffing van de doorsneesystematiek is onderdeel van de Perspectiefnota Toekomst Pensioenstelsel, waarin de Staatssecretaris van SZW de contouren van een nieuw pensioenstelsel schetst.

Uit de notitie: "Deze notitie verkent 3 mogelijke transitiepaden voor afschaffing van de doorsneesystematiek binnen de huidige uitkeringsovereenkomst. Tijdens de transitie geldt tijdelijk een aangepaste pensioenopbouw om de effecten van afschaffing van de doorsneesystematiek evenwichtiger te spreiden over generaties en over de levensloop. Na afloop van de transitieperiode geldt voor alle leeftijden degressieve opbouw. Het eerste transitiepad met een looptijd van 25 jaar veronderstelt continuering van doorsneeopbouw voor werknemers van 45 jaar en ouder en overgang naar degressieve pensioenopbouw voor jongere werknemers. Het tweede pad, eveneens met een looptijd van 25 jaar, richt de extra opbouw met name op de werknemers van middelbare leeftijd, die het meeste nadeel ondervinden bij afschaffing van de doorsneesystematiek. Het derde pad richt de extra opbouw ook op de deelnemers van middelbare leeftijd, maar versnelt de transitie tot 10 jaar."

De facto moet het leiden tot extra premieheffing bij 45-minners, dat extra pensioenopbouw moet genereren bij de 45-plussers. Een deel van de extra premie kan vanaf 2020 'betaald' worden uit het vervallen van VUT-/prepensioenpremies (bij sommige fondsen).

Een opvallende opmerking van het CPB is voorts deze: "Het is niet evident dat de huidige deelnemers aan de
doorsneesystematiek recht hebben op voortzetting van de huidige opbouwsystematiek in de toekomst, tenzij dit in het arbeidscontract stond, maar een abrupte overgang leidt wel tot een breuk met gewekte verwachtingen."

Het lijkt mij dan de toezegging juist normaliter betrekking heeft op de opbouw en juist níet de financiering.

Al met al een (zeer) ingewikkelde transitie, die tezamen met het nieuwe stelsel zelf, nauwelijks uit te leggen valt. Ook de lange periode van 25 jaar is niet acceptabel normaliter. Een kortere periode van 10 jaar is alsdan beter te billijken, maar levert of een hogere transitiepremie op of een lagere extra opbouw voor 45-plussers.

Vooralsnog een moeilijk begaanbare weg derhalve.

Informatie

  • Verzekeringstechniek, Actuariële Aspecten, Pensioen Algemeen
  • Maandag 18 juli 2016

KennisHub

KennisHub Pensioen- &
Life Event Advisering

  • Inspirerende Masterclasses
  • Praktijkgerichte Workshops
  • PE Artikelen & Casuistiek
  • Artikelen & Blogs
  • Stel je vraag
  • PE-geaccrediteerd
  • Mix & Match
  • Jaarlijks PE-certificaat
  • 21 dagen op proef

€ 35 p/m

Volgende licenties: 20% korting Meer Informatie

Eerst aankijken? Word Free Member

  • Wekelijkse nieuwsbrief
  • Artikelen & Blogs
  • 5+ gratis vaktechniek artikelen p/m
  • Schrijf je in voor Masterclasses & Workshops
  • Toegang tot FinSourceOne

Gratis

Volgende Free Members: 100% korting Meer Informatie