Gerechtshof Den Haag heeft zich recent uitgelaten over een niet nagekomen onvoorwaardelijke indexatie

Wat was er aan de hand?  Werkgever had aan zijn werknemers een pensioentoezegging gedaan, met hierin een indexatiebepaling. Pensioenregeling is ondergebracht bij Zürich (later Reaal). Tussen werkgever en Zürich is een depotovereenkomst gesloten, waaruit de indexatietoezegging (mede) werd gefinancierd. Werkgever moet vanaf een bepaald moment verplicht aansluiten bij een pensioenfonds en de verzekerde regeling wordt beëindigd. Er vindt geen waardeoverdracht plaats van Reaal naar het pensioenfonds. De eerste jaren kent Reaal een indexatie conform de toezegging toe.

In de periode 2007 – 2010 zijn er onvoldoende middelen in het depot aanwezig om de indexatie toe te kennen. Er vindt derhalve geen toekenning plaats. Daarover wordt een klacht ingediend bij de Ombudsman Pensioenen die oordeelt dat sprake is van een onvoorwaardelijke indexatie.
Naar aanleiding van dit oordeel indexeert Reaal alsnog en vordert de kosten hiervoor van werkgever. Werkgever betaalt deze kosten niet. Om die reden betrekt Reaal de werkgever in een procedure.
De Rechtbank heeft in eerste instantie geoordeeld dat de werkgever de kosten aan Reaal moet voldoen, nu sprake is van een onvoorwaardelijke indexatietoezegging van werkgever aan werknemer.
Het Gerechtshof komt echter tot een ander oordeel. Als gevolg van de overgang naar het pensioenfonds is géén einde gekomen aan de pensioenregeling bij Reaal. Deze regeling kent immers een onvoorwaardelijke indexatie. Op grond van de Pensioen- en Spaarfondsenwet c.q. Pensioenwet is de werkgever verplicht de pensioenregeling veilig te stellen. De indexatietoezegging is derhalve nog altijd ondergebracht bij Reaal. Wel is in de uitvoeringsovereenkomst opgenomen dat na beëindiging van deze overeenkomst de verzekeringen premievrij worden gemaakt. Partijen hebben zich derhalve niet gerealiseerd, dat de situatie zich zou kunnen voordoen dat de uitvoeringsovereenkomst is beëindigd, maar de opgebouwde aanspraken met de indexatieverplichting, waarvan de hoogte niet vaststond en afhankelijk was van derde partij (indexatie van het pensioenfonds), na opzegging zou achterblijven bij Reaal. Hierover zijn dan ook geen afspraken gemaakt tussen de werkgever en Reaal. Gezien de systematiek van de wetgeving is het de verantwoordelijkheid van de werkgever om de pensioentoezegging veilig te stellen én na te komen. De verzekeraar is tot niet meer gehouden dan waarvoor er premie is betaald. Het Gerechtshof is dan ook van mening dat er geen indexatieverplichting op Reaal rust. Dat Reaal wel over is gegaan tot het toekennen van een indexatie over de jaren 2007 – 2010, kan de werkgever niet worden tegengeworpen. Werkgever hoeft de kosten van de toegekende indexatie niet te betalen.
Gerechtshof Den Haag, 11 augustus 2015, ECLI NL GHDHA 2015_2120

Informatie

  • Pensioen Algemeen
  • Donderdag 1 oktober 2015

KennisHub

KennisHub Pensioen- &
Life Event Advisering

  • Inspirerende Masterclasses
  • Praktijkgerichte Workshops
  • PE Artikelen & Casuistiek
  • Artikelen & Blogs
  • Stel je vraag
  • PE-geaccrediteerd
  • Mix & Match
  • Jaarlijks PE-certificaat
  • 21 dagen op proef

€ 35 p/m

Volgende licenties: 20% korting Meer Informatie

Eerst aankijken? Word Free Member

  • Wekelijkse nieuwsbrief
  • Artikelen & Blogs
  • 5+ gratis vaktechniek artikelen p/m
  • Schrijf je in voor Masterclasses & Workshops
  • Toegang tot FinSourceOne

Gratis

Volgende Free Members: 100% korting Meer Informatie