Nederland is niet gebonden aan een door Luxemburg afgegeven E-101-verklaring

In deze zaak is een rijnvarende in dienst bij een in Luxemburg gevestigde onderneming. De Luxemburgse autoriteiten hebben aan hem een E-101-verklaring afgegeven, wat inhoudt dat hij wordt geacht aldaar verzekerd te zijn voor de sociale verzekeringen. De Nederlandse autoriteiten zijn van oordeel dat hij in Nederland verzekerd is. Hof Den Haag is hetzelfde oordeel toegedaan. De rijnvarende stelde cassatieberoep in bij de Hoge Raad. De eerste vraag die aan de orde is, is of Nederland gebonden is aan de Luxemburgse E-101-verklaring. Dat is blijkens het arrest van de Hoge Raad van 11 oktober 2013, nr. 12/04012, niet het geval. Hof Den Bosch (7 februari 2014, nr. 13/00040) heeft in een andere zaak over dit onderwerp vragen gesteld aan het Europese Hof van Justitie. Aangezien de beantwoording van die vraag van betekenis kan zijn voor de berechting van de onderhavige zaak, stond de Hoge Raad voor de vraag of hij in deze zaak mag beslissen in overeenstemming met zijn arrest van 11 oktober 2013 zonder prejudiciële vragen te stellen aan het Hof van Justitie en zonder de beantwoording van de prejudiciële vragen van Hof Den Bosch af te wachten. De Hoge Raad (28 maart 2014, nr. 12/03718) besloot hierover prejudiciële vragen te stellen aan het Hof van Justitie en heeft tevens gevraagd of Nederland gebonden is aan een afgegeven E-101-verklaring. Het Hof (9 september 2015, X en T. A. van Dijk, gevoegde zaken C-72/14 en G-197/14) besliste dat de Hoge Raad niet gehouden is om prejudiciële vragen te stellen als een lagere rechter dat al heeft gedaan. Voorts besliste het Hof dat de Hoge Raad ook niet hoeft te wachten tot het moment waarop de vragen van de lagere rechter door het Hof zijn beantwoord. Verder besliste het Hof dat Nederland niet is gebonden aan de Luxemburgse E-101-verklaring. De Hoge Raad beslist thans conform het arrest van het Hof en verwijst de zaak naar Hof Amsterdam vanwege een onbegrijpelijk bewijsoordeel van Hof Den Haag.

 

Het arrest van het Hof lijkt in tegenspraak met eerdere jurisprudentie. Destijds werd geoordeeld dat een E-101-verklaring de autoriteiten van het andere land binden totdat het afgevende land de verklaring intrekt.

Informatie

  • Internationaal, Pensioen Algemeen
  • Woensdag 10 februari 2016

KennisHub

KennisHub Pensioen- &
Life Event Advisering

  • Inspirerende Masterclasses
  • Praktijkgerichte Workshops
  • PE Artikelen & Casuistiek
  • Artikelen & Blogs
  • Stel je vraag
  • PE-geaccrediteerd
  • Mix & Match
  • Jaarlijks PE-certificaat
  • 21 dagen op proef

€ 35 p/m

Volgende licenties: 20% korting Meer Informatie

Eerst aankijken? Word Free Member

  • Wekelijkse nieuwsbrief
  • Artikelen & Blogs
  • 5+ gratis vaktechniek artikelen p/m
  • Schrijf je in voor Masterclasses & Workshops
  • Toegang tot FinSourceOne

Gratis

Volgende Free Members: 100% korting Meer Informatie