Oprenting van de ODV deel 4: Echtscheiding

Hierbij het vierde en laatste deel van het vierluik over de oprenting van de ODV.

Deel 1, 2 en/of 3 gemist klik dan op het deel nummer.

Regelmatig ontvangen wij vragen over het vaststellen van het saldo van de Oudedagsverplichting (ODV) aan het einde van het boekjaar, de rentelast en de hoogte van de ODV-uitkering. Daarbij kwamen ook misverstanden en fouten naar boven. Vandaar dat wij hebben besloten om in een viertal blogs kort stil te staan bij de berekeningssystematiek van de ODV. Deel 1 behandelde de oprenting van de ODV in de uitstelfase, in deel 2 kwam de oprenting van de ODV in de uitkeringsfase aan bod, in deel 3 werd stilgestaan bij de gevolgen voor het oprenten van de ODV bij overlijden van de DGA in de uitstelfase dan wel in de uitkeringsfase en tenslotte wordt in deel 4 aandacht besteed aan de ODV bij echtscheiding.

Als de pensioenverplichting is omgezet in een ODV, wat zijn dan de gevolgen als sprake is van echtscheiding, daaronder mede begrepen scheiding van tafel en bed en beëindiging samenlevingsrelatie?

Voor de beantwoording van deze vraag moet met verschillende aspecten rekening worden gehouden.

Informatieformulier

Alvorens nader op de beantwoording van deze vraag in te gaan, is het van belang te constateren dat als de pensioenverplichting destijds (periode 01-04-2017 tot 01-01-2020) is omgezet in een ODV en de dga een (gewezen) partner heeft, op het informatieformulier Afkoop of omzetting van pensioen in eigen beheer moest worden aangeven of er een afspraak is gemaakt tussen de dga en diens (gewezen) partner over de verdeling van deze ODV in geval van beëindiging van het huwelijk of partnerschap.

Er hoefde alleen “Ja” of “Nee” te worden aangekruist. Dat was voldoende. De inhoud van die afspraak is niet relevant.

Passende compensatie

Als de pensioenverplichting is omgezet in een ODV kon aan de (gewezen) partner een passende compensatie worden geboden voor het verlies van rechten. Immers bij overlijden van de dga bestaat geen recht op partnerpensioen en bij scheiding bestaat geen recht op verevening van het ouderdomspensioen en ook geen recht op bijzonder partnerpensioen. Deze passende compensatie kan bestaan uit een uitkering ineens of uit een voorwaardelijke uitkering.

Met een voorwaardelijke compensatie wordt bedoeld een compensatie bij scheiding die plaatsvindt volgens de methode “alsof de Wet verevening pensioenrechten bij scheiden (Wet VPS) nog van toepassing zou zijn”.

Directe compensatie

Een directe compensatie tijdens het huwelijk heeft geen invloed op de afwikkeling van de ODV. De oprenting van de ODV in de uitstelfase (zie deel 1) en de uitkeringsfase (zie deel 2) verandert niet. De direct compensatie voltrekt zich in de vermogenssfeer en is niet belast bij de ontvanger in de inkomstenbelasting, omdat het geen aangewezen belastbare periodieke uitkering is in de zin van de artikelen 3.101 en 3.102 Wet IB 2001 en ook niet aftrekbaar voor de dga als uitgaven voor onderhoudsverplichtingen in het kader van de persoonsgebonden aftrek (artikel 6.1 jo 6.3 Wet IB 2001).

Voorwaardelijke compensatie

Een voorwaardelijke compensatie die zich pas bij echtscheiding of uit elkaar gaan manifesteert is volgens de Kennisgroep Verzekeringsproducten van de belastingdienst bij de ontvanger niet belast en bij de verstrekkende dga niet aftrekbaar. Zodra de pensioenen zijn omgezet in een ODV, zijn het zijn geen pensioenrechten, die op grond van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiden (Wet VPS) verdeeld moeten worden. De gelden zijn op dat moment ‘normale’ vermogensrechten geworden, waarvoor bij scheiding een compensatie wordt gegeven ter voorkoming van overbedeling van vermogen. Een dergelijke compensatie is niet belast, noch aftrekbaar in de inkomstenbelasting.

Vervreemding of omzetting van de ODV

Naast bovenstaande compensatiemogelijkheden is het ook mogelijk (een deel van) de ODV te vervreemden aan de ex-partner of om te zetten in een ODV met de ex-partner als begunstigde van de ODV-termijnen.

Vervreemding

Wordt de ODV vervreemd dan verkrijgt de ex-partner een eigen ODV. Voor het vaststellen van de ODV-termijnen moet dan aansluiting worden gezocht bij de AOW-leeftijd van de ex-partner, zodat het uitkeringspatroon voor dat deel van de ODV dat toekomt aan de ex-partner volledig verandert.  Desgewenst kan de ex-partner de eigen ODV geheel of gedeeltelijk aanwenden voor een verzekerde of bancaire lijfrente, maar ook de overdracht naar een ander eigenbeheerlichaam van de ex-partner is mogelijk.

Bij overlijden van de ex-partner moeten de ODV-termijnen toekomen aan de erfgenamen (natuurlijke personen) van die ex-partner (zie deel 3). Overlijdt de dga, dan heeft dit geen invloed op de eigen ODV van de ex-partner. Eventuele (resterende) termijnen voor het bij de dga achtergebleven deel van de ODV moeten op analoge wijze worden uitgekeerd aan de erfgenamen (natuurlijke personen) van de dga.

Omzetting

Wordt de ODV (gedeeltelijk) omgezet in een ODV met de ex-partner als gerechtigde voor de ODV-termijnen, dan verkrijgt de ex-partner slechts een voorwaardelijk recht op uitbetaling van (een deel van) de ODV-termijnen. De ODV-aanspraak zelf blijft een aanspraak van de dga. In tegenstelling tot vervreemding geldt bij omzetting dat de ingangsdatum van de aan de ex-partner uit te keren ODV-termijnen gekoppeld is aan de AOW-leeftijd van de dga. In zoverre vertoont de omzetting veel gelijkenis met de verevening van ouderdomspensioen.

Het eigenbeheerlichaam kan de aan de ex-partner toekomende ODV-termijnen rechtstreeks aan de ex-partner onder inhouding van loonheffing uitbetalen.

De dga en de ex-partner kunnen ook afspreken dat de dga (een deel van) de ODV-termijnen bruto zal doorbetalen aan de ex-partner. In dat geval worden de ODV-termijnen door het eigenbeheerlichaam onder inhouding en afdracht van loonheffingen volledig uitbetaald aan de dga. De dga moet vervolgens het overeengekomen deel van de ODV-termijnen bruto aan de ex-partner uitkeren. Het aan de ex-partner uitgekeerde bedrag is bij de dga aftrekbaar als persoonsgebonden aftrek (artikel 6.3 Wet IB 2001) en bij de ex-partner belast als een belastbare periodieke uitkering en verstrekking (artikel 3.101 Wet IB 2001).

Bij overlijden van de ex-partner voor het einde van de ODV-uitkeringsperiode, zullen de aan de ex-partner toekomende ODV-termijnen weer volledig toekomen aan de dga. De erfgenamen van de ex-partner kunnen, in tegenstelling tot vervreemding, geen aanspraak maken op de nog uit te keren ODV-termijnen van ex-partner. Ook dit vertoont weer veel gelijkenis met de verevening van het ouderdomspensioen.

Overlijdt de dga dan eindigt het recht van de ex-partner op uitbetaling van (een deel van) de ODV-termijnen. De na het overlijden van de dga resterende ODV-termijnen komen toe aan de erfgenamen (natuurlijke personen) van de dga overeenkomstig de eerdergenoemde handreikingen. 

Fiscale gevolgen vervreemding en omzetting

Uit artikel 38p, lid 4 Wet LB 1964 blijkt dat Artikel 19b, lid 3 Wet LB (tekst 31-12-2016) van overeenkomstige toepassing is op de ODV. Dit impliceert dat de ODV zonder directe belastingheffing en revisierente over de waarde van de aanspraak geheel of gedeeltelijk kan worden vervreemd of kan worden omgezet in een voorwaardelijk recht ten behoeve van de ex-partner. Als zodanig vertoont de vervreemding van de ODV veel gelijkenis met conversie (eigen recht ex-partner), terwijl omzetting meer aansluit bij verevening (voorwaardelijk recht ex-partner) conform de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (WVPS), met dien verstande dat het bovenstaande ook geldt bij beëindiging van de samenleving. Bovendien wordt geen onderscheid gemaakt tussen huwelijkse en voorhuwelijkse periode.

Conclusie

Bij echtscheiding gelden voor de verdeling van de ODV andere regels dan voor de verdeling van pensioenen. Het is mogelijk de ODV te vervreemden aan de ex-partner of om te zetten in een ODV met de ex-partner als begunstigde voor de ODV-termijnen. Beide opties kunnen fiscaal zonder sancties plaatsvinden. De gevolgen voor de oprenting en voor de erfgenamen zijn wel verschillend. Wellicht moet een nieuwe ingangsdatum en een nieuw uitkeringspatroon worden vastgesteld.

ODV-robot

Wat is dan mooier dan het vaststellen van de ODV-uitkering en de oprenting van de ODV correct en volledig automatisch uit te (laten) voeren.

De ODV-robot neemt hierbij veel werk uit handen en zorgt voor een correcte berekening van de uitkering voor de verloning, de juiste waarde van het ODV-saldo aan het begin en aan het einde van het boekjaar en de op het desbetreffende boekjaar drukkende rentelast. Daarnaast voorziet de ODV-robot ook in een belangrijke signaalfunctie. De ODV-robot attendeert je er niet alleen automatisch op dat de vroegst mogelijke ingangsdatum dan wel de uiterste ingangsdatum van de ODV-uitkeringen aanstaande is, zodat hiervoor adequate maatregelen getroffen kunnen worden. De ODV-robot zorgt er ook voor dat je vloeiend overgaat van de uitstelfase naar de uitkeringsfase. Je hebt er geen omkijken naar. Last but not least exporteer je met een druk op de knop alle relevante berekeningsresultaten van elk dossier naar een totaaloverzicht voor een efficiënte verwerking ten behoeve van de jaarrekening en in de uitkeringsfase ten behoeve van de verloning.

Meer weten over de ODV-robot? Klik op bijgaande link. Wij helpen u graag verder!

Informatie

  • ODV Fiscaal
  • Dinsdag 13 april 2021

KennisHub

KennisHub Pensioen- &
Life Event Advisering

  • Inspirerende Masterclasses
  • Praktijkgerichte Workshops
  • PE Artikelen & Casuistiek
  • Artikelen & Blogs
  • Stel je vraag
  • PE-geaccrediteerd
  • Mix & Match
  • Jaarlijks PE-certificaat
  • 21 dagen op proef

€ 35 p/m

Volgende licenties: 20% korting Meer Informatie

Eerst aankijken? Word Free Member

  • Wekelijkse nieuwsbrief
  • Artikelen & Blogs
  • 5+ gratis vaktechniek artikelen p/m
  • Schrijf je in voor Masterclasses & Workshops
  • Toegang tot FinSourceOne

Gratis

Volgende Free Members: 100% korting Meer Informatie