Artikel Overgeld.nl: Bedenk goed wat u met pensioenverevening doet c.q. moet!

Bij veel echtscheidingen wordt meestal te weinig of geen aandacht besteed aan pensioen. Dit leidt vaak tot discussies achteraf. Zo ook in de kwestie die onlangs is beslecht door het Hof in Den Bosch.

Wat was er aan de hand: partijen waren gescheiden gaan wonen en hadden vervolgens na mediation een convenant gesloten waarbij pensioenverevening werd uitgesloten. De echtscheiding is vervolgens uitgesproken. Nadien bleek de vrouw het alsnog oneens met het convenant. In het convenant was namelijk afgesproken, dat zij zou afzien van de verevening van pensioenrechten. Dat betekende echter dat zij geen aanspraak maakte op € 12.000,- ouderdomspensioen per jaar. De vrouw stelde daarmee gedwaald te hebben waardoor de uitsluiting van verevening in het convenant zou moeten worden vernietigd.

Het Gerechtshof bevestigt dit en concludeert dus, dat de afspraken over het pensioen in het convenant gewijzigd kunnen worden. Het Hof was van oordeel dat voor wat betreft de pensioenbepaling in het convenant er geen sprake was van een vaststellingsovereenkomst. De pensioenbepaling zag op het aanbrengen van een wijziging van de tussen partijen bestaande rechten en plichten. Hierdoor was het mogelijk de pensioenbepaling te vernietigen. De hoogte van het te verevenen pensioen was bovendien niet aan de orde geweest tijdens de mediation. Dat maakte dat de vrouw zich op het standpunt kon stellen, dat ze niet gehouden kon worden aan de gemaakte afspraken.

De vrouw kreeg alsnog recht op verevening van pensioen en had dus het gelijk aan haar zijde. Maar het loopt lang niet altijd zo goed af.

In veel echtscheidingen, zeker die uit de periode tussen 1981 en 1995, zijn afspraken gemaakt over de verdeling van de pensioenaanspraken. Maar in even zoveel scheidingen uit die periode zijn géén afspraken gemaakt over de verdeling van de pensioenaanspraken. Sterker nog, het element pensioen is in de hele echtscheiding niet aan de orde geweest. En dan wordt de pensioengerechtigde 65 jaar en komt het pensioen tot uitkering. Op dat moment realiseert de ex-echtgenote (helaas het is vaak de vrouw, die nog achter het pensioen aan moet) zich, dat zij ook een deel van de pensioenaanspraken zou moeten ontvangen, maar niks krijgt. Ze is dan genoodzaakt weer contact op te nemen met haar ex-partner en te verzoeken om alsnog het haar toekomende deel van het pensioen aan haar uit te keren. In veel gevallen gaat de ex-partner daartoe niet over, zich op het standpunt stellend, dat de vrouw bij de scheiding al ‘veel te veel’ heeft gehad en nu geen rechten meer heeft, te meer nog, omdat hij ook al jaren niets meer van haar heeft gehoord en er vanuit mocht gaan dat ze niet meer aan de bel zou trekken.

Helaas voor de ex-partner: deze verweren gaan niet zomaar op. Het feit dat nergens op papier is vastgelegd dat het pensioen bij de scheiding is verdeeld, doet vermoeden dat het niet is verdeeld en dus nog verdeeld moet worden. Daarbij heeft de pensioengerechtigde dus het bewijsnadeel. Hij moet dan maar bewijzen dat het pensioen wel is verdeeld bij de scheiding destijds. Het enkele feit dat de andere partner wellicht meer waarde aan vermogensbestanddelen heeft ontvangen, maakt nog niet, dat zij geen recht meer zou hebben op een deel van het ouderdomspensioen en het bijzonder nabestaandenpensioen.

Daarnaast heeft te gelden, dat de wettelijke mogelijkheden om de boedelscheiding van destijds nog ter discussie te stellen of te vernietigen na zoveel jaren inmiddels wél zijn verjaard. En dat geldt niet voor het feit dat de vrouw bijvoorbeeld jarenlang niets van zich heeft laten horen. Dat laatste maakt niet dat haar rechten zijn verjaard of dat ze die zou hebben verwerkt. Het enkele stilzitten kan daar niet toe leiden. Daarover zijn al vele rechters heel duidelijk geweest. Voor verjaring of rechtsverwerking zijn meer omstandigheden nodig dan alleen maar ‘niets horen van’.

Toch blijken veel ex-partners niet genegen om nog tot pensioenverdeling over te gaan op het eerste verzoek van de vrouw en kiezen de weg van verzet en wachten tot er geprocedeerd gaat worden. Op die manier wordt soms ook nog getracht om de verzoekende partner te dwingen af te zien van claims op pensioen, omdat procedures nu eenmaal kostbaar zijn en het te ontvangen pensioen op jaarbasis meestal niet om enorme bedragen gaat.

Deze onzekere en moeizame weg kan ook voorkomen worden, als reeds bij de scheiding en bij het opstellen van het convenant pensioenadvies was ingewonnen.

Hebt u vragen over pensioen? Mail ze naar www.pensioenSOS.nl

Mr. Henny van den Hurk, Gommer & Partners Pensioen Advocaten

Informatie

  • Pensioen Algemeen
  • Donderdag 26 maart 2015