Bedrijfswoning is een afwijkend onderpand

Het Kifid heeft op 19 oktober 2020 uitspraak gedaan of een bank het voor een hypothecaire geldlening te hanteren rentepercentage mag verhogen met een opslag, omdat een woning een bedrijfswoning is, en daarmee een afwijkend onderpand is.

Belanghebbende heeft bij een bank voor haar nieuwe woning een hypothecaire geldlening afgesloten. De bank hanteert voor deze lening een rentepercentage verhoogd met een opslag van 0,8%, omdat de woning volgens het bestemmingsplan een bedrijfswoning is.

Volgens belanghebbende is de opslag van 0,8% onredelijk bezwarend. Zij stelt dat in het Kadaster het perceel van de woning is aangeduid als ‘privé́/wonen’. Het is derhalve onterecht dat de bank haar woning als afwijkend onderpand beschouwt. Volgens belanghebbende is haar woning bovendien niet te vergelijken met andere afwijkende onderpanden zoals woonboten, recreatiewoningen of bedrijfswoningen op een industrieterrein.

Het Kifid concludeert dat de huidige bestemming van de woning ‘bedrijfswoning’ is. Bij de beoordeling of het dan onredelijk is dat de bank een opslag in rekening brengt, geldt volgens het Kifid als uitgangspunt dat de bank als contractspartij, indien zij daarmee binnen de grenzen van de wet en de normen van de redelijkheid en billijkheid blijft, zelf kan bepalen of en onder welke voorwaarden zij een overeenkomst aangaat. Volgens het Kifid is het niet onbegrijpelijk dat de bank een lijn trekt voor alle bedrijfswoningen. Het beleid van de bank is derhalve naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar.

De klacht van belanghebbende wordt afgewezen.

Informatie

  • Financieren
  • Dinsdag 3 november 2020