Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Blockchain en accountancy: ontwikkelingen en regels rondom crypto’s

Virtuele valuta, ook wel cryptomunten (hierna: crypto’s) genoemd, is een ontwikkeling van de afgelopen jaren. De meningen over de mogelijkheden van crypto’s en hun toepasbaarheid lopen sterk uiteen. Sommigen voorzien een belangrijke rol voor crypto’s in de toekomstige transformatie van de financiële sector. Anderen beschouwen crypto’s als een interessante belegging. En een derde groep spreekt juist over een hype, die op termijn zal overwaaien.

Het aantal ondernemingen dat activiteiten heeft ontwikkeld op het gebied van crypto’s, dan wel te maken heeft met betalingen en beleggingen in crypto’s is nu nog beperkt maar dit aantal zal in de toekomst naar verwachting toenemen.

Met de verwachte grotere rol voor crypto’s, neemt de behoefte aan duidelijke regels en toezicht toe. Voor de accountant spelen hier vraagstukken rond crypto’s in de jaarrekening, fiscale aspecten en witwassen (Wwft).

1.0 Blockchaintechnologie

Met de blockchaintechnologie worden - via het internet - transacties gefaciliteerd tussen partijen, die elkaar niet kennen en/of elkaar niet vertrouwen, zonder dat daarbij een centrale partij reguleert, toezicht houdt en de transacties goedkeurt. De transacties worden vastgelegd in een openbaar grootboek (database). Door de blockchain wordt het huidige (bancair) gecentraliseerde systeem vervangen door een gedecentraliseerd systeem. Omdat er geen centraal orgaan meer nodig is, kan worden gezegd dat: ‘blockchain cuts out the middle man’.

De kern van een blockchain is:

  • Het is gebouwd op het Internet
  • Het faciliteert zogenoemde peer-to-peer (van persoon tot persoon) online transacties van waarde (niet alleen geld, maar bijvoorbeeld ook rechten of andere bezittingen)
  • De controle en validatie van de transacties vindt plaats door een (computer)netwerk in plaats van door een centrale partij: er wordt gebruik gemaakt van gedistribueerd vertrouwen en van gedecentraliseerde consensus
  • Voor de validatie en de veiligheid wordt gebruik gemaakt van software en asymmetrische cryptografie
  • Op de blockchain worden de transacties gebundeld (in blokken) vastgelegd (decentrale database). Alle deelnemers hebben toegang tot de database
  • Transacties worden pas geaccepteerd en zijn derhalve pas geldig, als er consensus bestaat in het netwerk over de juistheid van de transactie. Dit betekent dat de meerderheid van de deelnemers het erover eens is dat aan alle regels voor een geldige transacties is voldaan. Het bereiken van deze overeenstemming vindt plaats met behulp van een consensusmechanisme
  • Een blok krijgt een “vingerafdruk” in de vorm van een zogenoemde hashcode bestaande uit een reeks van cijfers en letters die wiskundig wordt bepaald. Om deze reeks te kunnen bepalen wordt de vingerafdruk van het vorige blok mede gebruikt als input. Hierdoor wordt een nieuw blok verbonden met het voorgaande blok. Op deze manier ontstaat een ketting van blokken: de blockchain
  • Een blok krijgt verder een tijdstempel waardoor altijd valt te achterhalen wanneer een transactie heeft plaatsgevonden. Veel blockchains hebben een explorer waarmee de transacties kunnen worden bekeken en doorzocht
  • Door allerlei beveiligingsmechanismen is het niet mogelijk om informatie, die op een blockchain is vastgelegd, te verwijderen, te vervangen of te wijzigen. Er is derhalve sprake van vereeuwigde registratie

In het afgelopen decennium zijn er meer dan 5.000 cryptomunten gelanceerd die gebruikmaken van deze blockchaintechnologie. Bitcoin is de meest bekende en grootste van alle beschikbare cryptomunten en bestaat sinds 2009. Andere bekende cryptomunten zijn Ethereum, Ripple en Litecoin.

2.0 Crypto’s

2.1 Vormen van crypto’s

AFM en DNB gebruiken voor crypto de volgende definitie: ‘een digitale weergave van waarde die niet door een centrale bank of een overheid wordt uitgegeven of gegarandeerd, die niet noodzakelijk aan een wettelijk vastgestelde valuta is gekoppeld en die niet de juridische status van valuta of geld heeft, maar die door natuurlijke of rechtspersonen als ruilmiddel wordt aanvaard en die elektronisch kan worden overgedragen, opgeslagen en verhandeld’.

Gebruikers kunnen met crypto’s wereldwijd digitaal waarde uitwisselen zonder tussenkomst van derden.

Crypto’s kunnen in drie functionele categorieën worden ingedeeld:

  • Transactiecrypto’s. Deze dienen als middel voor waardeverplaatsing of transactie; voorbeelden hiervan zijn Bitcoin en Litecoin
  • Gebruikscrypto’s. Met deze crypto verkrijgt men het recht op, of het gebruik van, een bepaalde applicatie of dienst; Ethereum is hiervan een exponent
  • Investeringscrypto’s. Deze crypto’s gelden als alternatief of aanvulling op bestaande financiële instrumenten

Het is belangrijk om te beseffen dat genoemde functies sterk met elkaar verweven kunnen zijn. Zo kunnen crypto’s meerdere functies tegelijk hebben, ook kunnen crypto’s in de loop van tijd van functie veranderen. Een crypto die begint als investeringscrypto kan op den duur bijvoorbeeld transformeren naar een gebruikscrypto of een transactiecrypto.
Ga naar FinsourceOne voor het maken van een tussenopdracht

2.2 In omloop brengen van nieuwe crypto’s

Crypto’s kunnen op verschillende manieren in omloop worden gebracht: Bij crypto’s zoals Bitcoin worden nieuwe munten in omloop gebracht als beloning voor deelnemers die transacties valideren in het netwerk (zogenoemde miners). In deze situatie verloopt de creatie van crypto’s decentraal via het netwerk.

Bij andere crypto’s zoals Ripple of Stellar kan een centrale partij verantwoordelijk zijn voor het aanbieden van deze crypto’s. Deze crypto’s zijn pre-mined. De crypto’s worden volgens een vooraf bepaalde set aan regels in omloop gebracht. De meeste crypto’s worden via een ICO (Initial Coin Offering) aangeboden. Hierbij is een centrale partij verantwoordelijk voor het aanbieden. Met een Security Token Offering (STO) kunnen bedrijven financiering verkrijgen zonder tussenkomst van derde partijen. Zo treedt mogelijk efficiencywinst op en het zou de kosten voor bedrijven kunnen verlagen bij het aantrekken van extra kapitaal.
Ga naar FinsourceOne voor het maken van een tussenopdracht

2.3 Crypto-transacties

Om te kunnen handelen in crypto’s dient men te beschikken over een digitale portemonnee. Dit wordt de wallet genoemd.

Bij het creëren en in gebruik nemen van een wallet ontstaat een sleutelpaar dat bestaat uit een public key (vergelijkbaar met een rekeningnummer) en een private key (een soort pincode). Deze twee sleutels worden met elkaar verbonden en daarmee worden transacties versleuteld, beveiligd en gecontroleerd.

De sleutels zijn reeksen van cijfers en letters. Met de public key wordt automatisch een blockchainadres gecreëerd om transacties aan te maken en om deze aan te bieden. De private key is een unieke code die de bezitter toegang geeft tot een bepaalde positie in bijvoorbeeld Bitcoins. De private key is niet op naam gesteld, en bij verlies of diefstal kan men dus niet meer bij die positie zodat die bezittingen dan als verloren moeten worden beschouwd. Bovendien is er geen toezichthouder of helpdesk bij wie men terecht kan, en gedane transacties kunnen niet worden teruggedraaid.

Cybercriminelen zijn er in de afgelopen jaren meerdere keren in geslaagd om bij handelshuizen te infiltreren en de inhoud van wallets te stelen. De kwetsbaarheid van Bitcoinhandel zit in dit deel van het proces waar de anonimiteit van het bezit wordt geregeld.  

3.0 Toezicht

3.1 Zijn crypto’s voor de toezichthouder een financieel instrument?

In de meeste landen, waaronder Nederland, zijn crypto’s (nog) geen wettelijk betaalmiddel en vallen buiten het toezicht van de financiële toezichthouders en worden dan ook niet gegarandeerd. Beleggers die hun private key kwijtraken of het slachtoffer worden van een hack moeten er vanuit gaan dat zij in dat geval hun volledige bezit aan Bitcoin hebben verloren. Toezichthouders hebben in de afgelopen jaren gewaarschuwd voor de risico’s van de virtuele valuta, juist ook vanwege het ontbreken van toezicht.

Begin 2019 beschreef The European Securities and Markets Authority (ESMA) dat slechts een deel van de crypto’s als financieel instrument geldt. Crypto’s die niet als financieel instrument gelden vallen buiten de reikwijdte van de huidige regels. Hierdoor lopen investeerders risico. De daadwekelijke classificatie van een crypto als financieel instrument is de verantwoordelijkheid van de toezichthouders van elke individuele lidstaat en zal onder andere afhangen van de implementatie van Europese wetgeving. In de praktijk zijn er verschillen zichtbaar in hoe Europese landen hiermee omgaan.

De huidige regels zijn opgesteld voordat crypto’s in beeld kwamen en de regels voldoen momenteel niet voor de crypto-ontwikkelingen. De ESMA wil de bestaande regels aanscherpen om huidige interpretatieverschillen weg te nemen. Zowel in de Europese als de corresponderende nationale wet is het effectenbegrip niet gebaseerd op de activiteit (risicodragend vermogen aantrekken) maar op de vorm (een eigendoms- of schuldtitel). Zo bieden de meeste ICO’s een gebruikscrypto aan: een vooruitbetaald recht op toegang tot de toekomstige dienst van de aanbieder. Dit type financieringsmodel – vaak bewust zo gestructureerd – kwalificeert hierdoor niet als effect in de Wft. Daarom gelden de toepasselijke regels voor ondernemingsfinanciering niet en krijgen investeerders niet de bescherming die geldt voor vergelijkbare gereguleerde activiteiten.

3.2 Internationale samenwerking van toezichthouders

In Europees verband werken toezichthouders voornamelijk via ESMA intensief samen aan een gelijke behandeling van investeringscrypto’s. ESMA stelt dat de grootste risico’s met crypto’s liggen op het gebied van fraude, marktmisbruik, witwassen en cyberaanvallen.

In 2019 heeft de Europese Banking Association een rapport opgesteld waarin het aangeeft dat een Europese aanpak wenselijk is teneinde marktintegriteit te garanderen en om uniforme regels binnen de EU te bereiken. De complexiteit is er onder andere in gelegen dat een deel van de activiteiten met crypto-assets wel onder financiële regels kunnen vallen, deels onder nationale wetten zullen vallen en deels nog niet voorzien zijn in de bestaande Europese regels.

De regelgeving in Europa kent een aantal belangrijke verschillen per land. Zo heeft Malta speciale regels ingevoerd voor crypto’s, wordt Bitcoin in Duitsland erkent als rekeneenheid en daarmee als financieel middel, en heeft Frankrijk bewust geen regelgeving ingevoerd voor crypto’s zonder ondernemingsfinancieringsdoel. Ook buiten Europa wisselt de regelgeving sterk. China heeft crypto’s en ICO’s verboden. China heeft Chinese omwisselplatforms voor crypto’s gesloten en websites naar buitenlandse omwisselplatforms geblokkeerd. Japan daarentegen erkent Bitcoin als een betaalinstrument en voor crypto-omwisselplatformen is er een vergunningstelsel dat toeziet op integriteit, beveiliging en interne procedures. Aangezien crypto’s makkelijk over landsgrenzen heengaan, zijn financiële overheden in Europa op zoek naar een gezamenlijke oplossing en ontraden zij het opstellen van individuele regels per land.

In een gezamenlijk advies aan de minister van Financiën stelden AFM en DNB in januari 2019 dat er een nationaal vergunningsstelsel voor crypto-omwisselplatformen en aanbieders van crypto-bewaarportemonnees moet komen om witwassen en terrorismefinanciering effectiever tegen te kunnen gaan. Daarnaast betogen zij dat er aanpassingen van de Europese regels voor ondernemingsfinanciering nodig zijn om aan kleinschalige ondernemingsfinanciering via blockchaintechnologie ruimte te bieden.

Onder de huidige regels wordt afgedwongen dat de processen van clearing, afwikkeling en bewaring gescheiden activiteiten zijn. Deze restricties beperken het potentieel dat blockchain biedt om deze processen efficiënter uit te voeren. Daarnaast zou het gebruik van blockchain het tegenpartijrisico kunnen verlagen, het risico op fouten in het afwikkelingsproces verminderen en zodoende de kosten verlagen.

Het internationale karakter van crypto’s vereist internationale afstemming om Nederlandse consumenten effectief tegen de grootste risico’s te beschermen. Op nationaal niveau adviseren de AFM en DNB om het effectenbegrip aan te passen conform de bredere definitie in bestaande Europese regelgeving. Dit biedt de AFM ruimte om enkele crypto’s onder haar toezicht te brengen.

3.3 Waarschuwingen van AFM en DNB

Sinds 2013 hebben de AFM en DNB herhaaldelijk publiekelijk gewaarschuwd voor de risico’s rondom crypto’s en ICO’s. De waarschuwingen betroffen onder andere:

  • Het feit dat crypto’s in de regel buiten het financieel toezicht vallen, waardoor de bescherming van financiële regelgeving ontbreekt
  • De waarde van crypto’s vooral gebaseerd is op speculatie en een duidelijke onderliggende waardebepaling in de regel ontbreekt waardoor de koersen sterk kunnen fluctueren
  • Crypto’s kwetsbaar zijn voor misleiding, oplichting, manipulatie, cybercriminaliteit en witwassen wegens het anonieme en grensoverschrijdende karakter van transacties
  • De risico’s bij ICO’s zijn vergelijkbaar met de algemene risico’s van crypto’s. Specifieke risico’s bij ICO’s zijn verder het gebrek aan transparantie, overschatting van verwachte rendementen en onderschatting van benodigde kennis om goede verdienmodellen van slechte te onderscheiden. Een hype rondom crypto’s en ICO’s, zoals eind 2017, kan consumenten verblinden voor deze risico’s

4.0 Wwft en de rol van accountants bij crypto’s

4.1 Crypro’s en witwassen

Notarissen, belastingadviseurs en accountants hebben een belangrijke rol in het herkennen en melden van constructies die bedoeld zijn om crimineel geld wit te wassen.

Crypto’s gaan gepaard met een hoge mate van anonimiteit. Hierdoor kunnen criminelen anoniem transacties uitvoeren. Deze verborgen transacties maken het mogelijk om illegaal verkregen vermogen door te sluizen naar het financiële stelsel. Bovendien bevordert de anonimiteit van virtuele valuta het gebruik ervan voor criminele doeleinden, zoals het witwassen van crimineel verkregen vermogen. Het digitale karakter van virtuele valuta bevordert daarnaast de online toegang en draagt bij aan een wereldwijd bereik. Dit maakt crypto’s aantrekkelijk om (grensoverschrijdend) te verplaatsen voor witwassen of financieren van terrorisme.

4.2 Reguleren cryptowallets en omwisselplatforms

Met de wijziging van de vierde anti-witwasrichtlijn is afgesproken dat bepaalde aanbieders van diensten met virtuele valuta, namelijk aanbieders van bewaarportemonnees en omwisseldiensten (van fiat valuta naar virtuele valuta en vice versa) onder de Europese anti-witwasregelgeving worden gebracht.

Aanbieders die deze diensten in Nederland aanbieden zullen onder de Wwft gaan vallen. Hiermee gelden onder meer de verplichtingen als het verrichten van cliëntenonderzoek en het melden van ongebruikelijke transacties voor deze dienstverleners. De wet ter implementatie van de wijziging van de vierde anti-witwasrichtlijn treedt naar verwachting in de loop van 2020 in werking.

4.3 Aanscherpen regulering cryptodiensten en ICO’s

Daarnaast wordt er een akkoord verwacht binnen de Financial Action Task Force (FATF) over het toevoegen van crypto’s (in de FATF virtual assets genoemd) aan de FATF standaarden. Dit akkoord leidt ertoe dat landen wereldwijd maatregelen moeten nemen om te voorkomen dat crypto’s voor criminele doeleinden gebruikt worden. Met de implementatie van de wijziging van de vierde anti-witwasrichtlijn zal een groot deel van de FATF-standaarden al in de Nederlandse regelgeving zijn vastgelegd.

Echter, op bepaalde punten gaan de FATF-standaarden verder dan de wijziging van de vierde anti-witwasrichtlijn. Zo zal er ook toezicht moeten komen op het wisselen van twee (of meer) crypto’s (crypto-naar-crypto), en op financiële dienstverleners die nieuwe crypto’s uitgeven, dat wil zeggen die diensten aanbieden ten behoeve van een ICO. Eerder heeft de minister van Financiën aangegeven zich in te zetten om de uitbreiding van de FATF-standaarden op EU-niveau in regelgeving vast te leggen. Het is van belang dat op Europees niveau wordt voortgebouwd op het regelgevend kader dat met de wijziging van de vierde anti-witwasrichtlijn is neergezet.

4.4 Verbeteren naleving accountants

De beroepsgroep accountants is een van de poortwachters van een financieel integer Nederland. Het is daarom van belang dat accountants zich bewust zijn van fraude- en corruptiesignalen, zodat deze delicten enerzijds beter worden voorkomen en anderzijds worden gemeld en (daardoor) bestreden. Door de Nederlandse Beroepsorganisatie voor Accountants (NBA) wordt aandacht besteed aan het thema 'fraude'. De NBA heeft hiertoe een fraudeprotocol ontwikkeld waarin wordt aangegeven wat van accountants mag worden verwacht ter voorkoming van fraude. Zo schrijft het protocol o.a. voor dat accountants niet alleen tijdens hun dienstverlening aandacht moeten hebben voor fraude(signalen), maar ook bij de acceptatie van de opdracht. 

Ook de AFM heeft hierin een rol in haar hoedanigheid als toezichthouder op accountantsorganisaties op grond van de Wet toezicht accountantsorganisaties. De AFM onderzoekt de integere en beheerste bedrijfsvoering en specifiek de beheersing van integriteitsrisico’s zoals fraude en corruptie.

Het Bureau Financieel Toezicht (BFT) houdt toezicht op de naleving van de Wwft door notarissen, belastingadviseurs en accountants. Uit diverse rapporten blijkt dat meer onderzoek gedaan zou moeten worden naar de effectiviteit van het toezicht en de algehele naleving van de Wwft om het risicogerichte toezicht op een verantwoorde manier in te vullen. Er zal meer geld beschikbaar komen om de capaciteit van BFT uit te breiden voor analyse, direct toezicht, ondersteuning en samenwerking met andere partijen.

5.0 Crypto’s in de jaarrekening

De Raad voor de Jaarverslaggeving (‘RJ’) heeft in 2018 naar aanleiding van vragen uit de praktijk over de verwerkingswijze van crypto’s in de jaarrekening een RJ-Uiting uitgebracht. Deze uiting dient gelezen te worden als een discussiestuk en heeft niet de status van een (ontwerp-)Richtlijn. 

Deze RJ-Uiting heeft als doel om een algemene beschouwing te geven hoe een crypto als een actief binnen Titel 9 Boek 2 BW en de Richtlijnen kan worden geclassificeerd en gewaardeerd. Het betreft de classificatie en waardering in het geval dat een rechtspersoon een crypto houdt en heeft verkregen door ruil of koop. Deze RJ-Uiting gaat niet in op de classificatie en waardering van een crypto die door een rechtspersoon wordt uitgegeven (bijvoorbeeld via een zogenoemde ICO) of crypto’s die door een rechtspersoon zijn verkregen uit mining.

De RJ is van oordeel dat crypto’s niet voldoen aan de definitie van liquide middelen of een financieel actief. Daarmee kunnen zij niet als zodanig worden verwerkt in de jaarrekening. De mogelijke verwerkingswijze is afhankelijk van de doelstelling van het houden van crypto’s. Crypto's kunnen bijvoorbeeld worden gehouden voor een langere termijn, voor onderzoeksprojecten, voor verkoop in het kader van de normale bedrijfsvoering of als een belegging.

Afhankelijk van de doelstelling van het houden van crypto’s kunnen deze volgens de RJ worden aangemerkt als:

  • Immateriële vaste activa
  • Voorraden of
  • Andere beleggingen

De bij deze jaarrekeningposten behorende grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn dan van overeenkomstige toepassing. Dit betekent voor crypto’s dat:

  • Immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of – onder voorwaarden – tegen actuele waarde (zie RJ 210 Immateriële vaste activa)
  • Voorraden worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs (zie RJ 220 Voorraden)
  • Andere beleggingen in overeenstemming met artikel 2:384 BW kunnen worden gewaardeerd tegen kostprijs of actuele waarde. Indien tegen actuele waarde wordt gewaardeerd, kunnen de waardeveranderingen worden verwerkt in de winst-en-verliesrekening of eerst via de herwaarderingsreserve in het eigen vermogen en bij realisatie in de winst-en-verliesrekening

Als een crypto wordt gehouden voor verkoop als onderdeel van de gewone bedrijfsuitoefening, dan moet gedacht worden dat het wordt gehouden als middel om te ruilen. Dan voldoet het naar het oordeel van de RJ niet aan de definitie van een belegging. Ook als een crypto wordt gehouden voor gebruik in de productie of de levering van goederen of diensten of voor bestuurlijke doeleinden in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening, is de crypto naar het oordeel van de RJ geen belegging. Dan zal een crypto bijvoorbeeld kunnen worden aangemerkt als voorraden of immateriële vaste activa.

Als een crypto wordt beschouwd als een andere belegging dan gelden de bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW. Artikel 2:384 lid 7 BW bepaalt dat waardevermeerderingen van andere beleggingen die tegen actuele waarde worden gewaardeerd, onmiddellijk in de winst-en- verliesrekening kunnen worden verantwoord. Indien er geen frequente marktnotering bestaat, wordt op grond van artikel 2:390 lid 1 BW ten laste van de vrije reserves of uit het resultaat van het boekjaar een herwaarderingsreserve gevormd. Er wordt geen herwaarderingsreserve gevormd indien een frequente marktnotering bestaat.

Indien op grond van artikel 2:384 lid 1 BW andere beleggingen worden gewaardeerd tegen actuele waarde en waardevermeerderingen niet onmiddellijk in de winst-en-verliesrekening worden opgenomen maar rechtstreeks worden verwerkt in het eigen vermogen, worden deze waardevermeerderingen op grond van artikel 2:390 lid 1 BW opgenomen in een herwaarderingsreserve.

Op grond van artikel 11 Besluit actuele waarde (BAW) komt de marktwaarde als invulling voor de actuele waarde in aanmerking. Op grond van artikel 2:384 lid 1 BW kunnen andere beleggingen overigens ook worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs, zijnde de kostprijs

6.0 Fiscale aspecten van crypto’s

In zijn brief van 28 mei 2018 over de fiscale aspecten van cryptovaluta gaat de staatssecretaris van Financiën onder andere in op de volgende onderwerpen:

  • Het minen en het handelen in cryptovaluta door een natuurlijk persoon of door een bv
  • De behandeling van cryptovaluta als bezitting in box 3.
  • De fiscale gevolgen als een ib-ondernemer of een bv goederen verkoopt of diensten verleent waarbij de tegenprestatie in cryptovaluta wordt voldaan.
  • De belangrijkste aandachtspunten in de loon- en omzet belasting

6.1 Het minen van en het handelen in crypto’s

Minen en handelen door een natuurlijk persoon

Voor het antwoord op de vraag hoe de Belastingdienst omgaat met het zogenoemde ‘minen’ en handelen in crypto’s is het van belang of ten aanzien van die activiteiten in fiscale zin al dan niet sprake is van een ‘bron van inkomen’. page1image31800Voorbeelden van een bron van inkomen in de inkomstenbelasting zijn onder andere winst uit onderneming of resultaat uit overige werkzaamheden.

Volgens vaste jurisprudentie moet voor een bron van inkomen worden voldaan aan drie voorwaarden:

  • Deelname aan het economische verkeer
  • Het (subjectieve) oogmerk om voordeel te behalen en
  • De (objectieve) verwachting dat het voordeel redelijkerwijs - in de toekomst - kan worden behaald. De vraag of sprake is van een objectieve voordeelsverwachting, moet in beginsel worden beantwoord op basis van feiten en omstandigheden

Deze bronvraag laat zich niet eenduidig beantwoorden en is sterk afhankelijk van de concrete feiten en omstandigheden van het geval.

Mede als gevolg van een toename van het aantal personen dat zich bezig houdt met mining en de regulering van het aantal te minen crypto’s per dag (een beperkte hoeveelheid kan worden gemined), is het volgens de staatssecretaris de vraag of sprake is van een voordeelsverwachting. Daarbij kan ook de omvang van de investering (in computers) een rol spelen. Daarnaast kan de fase waarin men instapt met het minen van crypto’s (beginfase of een reeds langer bestaande crypto’s) een licht werpen op de voordeelsverwachting.

In de jurisprudentie is uitgemaakt dat geen sprake is van een bron van inkomen in geval van een speculatieve transactie en als het eindresultaat niet beïnvloedbaar is door de verrichte arbeid. Dat geldt ook voor de handel in crypto’s. Als daarentegen structureel positieve resultaten worden behaald die kunnen worden verklaard door arbeid van belanghebbende die verder gaat dan de arbeid die met speculatie samenhangt, is wel sprake van een bron van inkomen. De meeropbrengst moet dus verband houden met de verrichte arbeid (in kwalitatieve of kwantitatieve zin).

In het concrete geval zal volgens de staatssecretaris aan de hand van de feiten en omstandigheden moeten worden beoordeeld of al dan niet sprake is van een bron van inkomen. Dat laatste is ter beoordeling van de inspecteur. In zijn algemeenheid zal - met in achtneming van de feiten en omstandigheden van het specifieke geval - gelet op het voorgaande bij het minen en de handel in crypto’s door een natuurlijk persoon vermoedelijk niet snel sprake zijn van een bron van inkomen.

Handelen door een natuurlijk persoon die ib-ondernemer is

Bij de aankoop van cryptovaluta door een natuurlijk persoon die kwalificeert als ib-ondernemer speelt het leerstuk van de vermogensetikettering. Als sprake is van duurzaam overtollige liquide middelen waarmee de crypto’s worden aangeschaft, worden zij tot de rendementsgrondslag van box 3 gerekend.

Als de aankoop van de crypto’s met ondernemingsvermogen niet plaatsvindt binnen de normale ondernemingsuitoefening en er geen sprake is van het beleggen van tijdelijke overtollige middelen op een zodanige wijze dat zij weer tijdig binnen de onderneming beschikbaar kunnen zijn, is sprake van verplicht privévermogen (box 3). In alle andere gevallen kan sprake zijn keuzevermogen dan wel van verplicht ondernemingsvermogen.

Wanneer er sprake is van ondernemingsvermogen moeten de resultaten op de crypto’s volgens goed koopmansgebruik in aanmerking worden genomen. Goed koopmansgebruik houdt onder andere in dat met verliezen rekening mag worden gehouden ook al zijn deze nog niet gerealiseerd, en dat winsten pas hoeven te worden verantwoord, nadat deze werkelijk zijn behaald. Hieruit volgt dat crypto’s gewaardeerd worden op de kostprijs of op de beurskoers als deze op balansdatum lager is dan de kostprijs.

Minen en handelen door een bv

Op grond van de Wet Vpb 1969 drijft een bv een onderneming met zijn gehele vermogen. Anders dan bij een ib-ondernemer speelt bij een bv het leerstuk van de vermogensetikettering dus geen rol. Dit betekent dat het minen en de aankoop (al dan niet gevolgd door verkoop) van crypto’s zich in de winstsfeer afspelen. De resultaten daarvan moeten volgens goed koopmansgebruik in aanmerking worden genomen. Dit betekent onder andere dat gekochte crypto’s gewaardeerd worden op de kostprijs of op de beurskoers als deze op balansdatum lager is dan de kostprijs.

6.2 Crypto’s als bezitting in box 3

Crypto’s in het bezit van een natuurlijk persoon behoren tot de vermogensrendementsgrondslag van box 3, tenzij sprake is van vermogensbestanddelen die inkomen uit werk en woning of uit aanmerkelijk belang genereren, bijvoorbeeld winst uit onderneming of resultaat uit overige werkzaamheden. Het zijn rechten die niet op zaken betrekking hebben.

De crypto’s moeten naar de waarde in het economisch verkeer op de peildatum (1 januari) van een kalenderjaar worden vermeld in de aangifte inkomstenbelasting. Dat wil zeggen dat aangesloten dient te worden bij de geldende koers op die peildatum.

Er zijn verschillende koersen voor crypto’s. Nu er geen wettelijk voorschrift bestaat met betrekking tot de vraag welke koers dient te worden gehanteerd, is de koers op de peildatum van het gebruikte omwisselplatform de meest voor de hand liggende koers.

6.3 Door een ib-ondernemer of bv ontvangen tegenprestatie in crypto’s

Een ander aspect betreft de vraag wat de fiscale gevolgen zijn als een ondernemer goederen verkoopt of diensten verleent waarbij de tegenprestatie in crypto’s wordt voldaan. Als de vergoeding niet in euro’s maar in crypto’s wordt voldaan, moet deze worden omgerekend naar een equivalent in euro’s. Dat omgerekende bedrag in euro’s wordt tot de omzet gerekend. Dat geldt zowel voor de winstbepaling (de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting) als voor de omzetbelasting.

Als de crypto’s worden omgewisseld in euro’s kan die omwisseltransactie voor de winstbepaling een verlies of een winst opleveren. Als de crypto’s per balansdatum aanwezig zijn, geschiedt de waardering volgens goed koopmansgebruik.

Crypto’s kwalificeren niet als liquide middelen, maar zullen veelal wel als vlottende activa kunnen worden aangemerkt. Onder omstandigheden kan ook sprake zijn van voorraad. In beide situaties (vlottende activa dan wel voorraad) is de hoofdregel waardering op kostprijs of lagere marktwaarde.

6.4 Crypto’s en loonbelasting

Indien een werkgever het loon in crypto’s uitbetaalt zal deze de crypto moeten omrekenen in euro’s op het moment dat de betaling plaatsvindt. Volgens de Belastingdienst is er sprake van loon in natura (zie externe links).

6.5 Crypto’s en omzetbelasting

Als er voor diensten of leveringen wordt betaald in crypto’s, moeten deze worden omgerekend naar euro’s. Bij de btw-aangifte wordt dan het bedrag in euro's opgegeven.

Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft op 22 oktober 2015 bepaald dat over de verkoop van bitcoins geen BTW is verschuldigd (zie externe links). De bitcoin wordt niet gezien als geld, maar heeft wel eenzelfde functie, een bijzondere status voor de BTW derhalve.

7.0 Crypto’s als belegging

Spaarders en beleggers kunnen worden aangetrokken door spectaculaire koersstijgingen, zeker bij de huidige lage vergoeding op spaartegoeden.

De Bitcoinkoers is niet te relateren aan een waarde in de reële economie en is daarmee erg gevoelig voor veranderingen in de verhouding tussen vraag en aanbod.  In het verleden heeft de koers sterk gereageerd op berichten over:

  • Erkenning van Bitcoin als betaalmiddel in een specifiek land
  • Fraude of cybercrime in de accounts waar Bitcoins zijn opgeslagen of bij grote handelshuizen

Koers Bitcoin 2014-2020 (IEX, 2020)

Centrale overheden wijzen nog steeds op de kwetsbaarheid van de bestaande handelssystemen. Er zijn veel toekomstscenario’s te schetsen die deels heel gunstig en deels heel ongunstig voor huidige crypto’s zoals Bitcoin zijn. Nieuwe ontwikkelingen zullen in de nabije toekomst de nodige aandacht krijgen en tot nieuwe scherpe koersreacties leiden. Avontuurlijk ingestelde beleggers en speculanten zal dit vooruitzicht mogelijk enorm aanspreken, maar voor beleggers die op basis van gedegen analyses een risico-afweging willen maken zijn er legio beleggingsmogelijkheden die beter voldoen aan hun beleggingswensen. Het is tevens voor iedere belegger essentieel om te beseffen dat een succesvolle verdere ontwikkeling van blockchain niet hoeft te leiden tot een hogere koers van Bitcoin.

Er zijn inmiddels verschillende gereguleerde financiële producten en financiële diensten ontstaan met crypto’s als onderliggende waarde. Denk hierbij aan futures, contracts for difference (CfD’s) en exchange traded notes (ETN’s). Dit soort producten en diensten vallen reeds onder het toezicht van de AFM als zij in of vanuit Nederland worden aangeboden. 
Ga naar FinsourceOne voor het maken van een tussenopdracht

Informatie

  • Beleggen, Fiscaal: Wet IB, Fiscaal: Wet Vpb, Diversen
  • 1 uur
  • EQF 7
  • 1 PE punt(en)
  • Dinsdag 3 maart 2020
Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Premium PE Online artikelen zijn voor Members Life Event Advisor

Wil je deze PE artikelen ook lezen?
Word dan Member!

Bekijk Memberships