Deelnemer kan rechten ontlenen aan UPO

De Pensioenwet bepaalt dat de pensioenuitvoerder verplicht is de deelnemer aan een pensioenregeling een jaaropgave te verstrekken in de vorm van een Uniform Pensioen Overzicht (UPO). De pensioenuitvoerder dient het UPO jaarlijks te verstrekken. In veel UPO’s is het opnemen van een zogenaamde “disclaimer” usance. Een disclaimer beoogt in het algemeen om de aanspraken of rechten die aan een bepaalde communicatie-uiting ontleend kunnen worden te beperken of zelfs uit te sluiten.

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) stelt zich op het standpunt dat iedereen die een UPO ontvangt er van uit mag gaan dat de daarin vermelde bedragen correct zijn; de AFM acht het dan ook niet wenselijk dat er op een UPO disclaimer wordt opgenomen. Ook de Ombudsman Pensioenen heeft reeds eerder in zijn jaarverslag 2007-2008 opgemerkt dat “een beroep door het pensioenfonds bij een gemaakte fout op een voorbehoud of op het karakter van een voorlopige berekening niet altijd in stand kan houden”.

Recentelijk heeft de Rechtbank Rotterdam in zijn uitspraak van 3 september 2010 aangegeven dat de deelnemer mocht afgaan op de juistheid van de het jaarlijks verstrekte pensioenoverzicht, ook al stond vermeld op het UPO dat aan dat pensioenoverzicht geen rechten konden worden ontleend. Deze uitspraak volgt de lijn van de AFM, maar druist in tegen eerdere Hofs uitspraak  Den Bosch van 22 januari 2008, waarin het beroep van ABP op een in een UPO gemaakt voorbehoud bekrachtigd werd. Inmiddels  heeft het t Tweede Kamerlid Vermeij (PvdA) aan de minister Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vragen gesteld over de rechten die deelnemers kunnen ontlenen aan hun Uniform Pensioenoverzicht.

Onder juristen is de waarde van een disclaimer nog altijd een discussiepunt. Of een pensioenuitvoerder gehouden is aan de verstrekte informatie, is naar mijn mening afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Het gaat daarbij om de vraag of de deelnemer redelijkerwijs kan en mag vertrouwen op de verstrekte informatie. Deze positie hangt civielrechtelijk samen met de norm van redelijkheid en billijkheid en  bestuursrechtelijk met het vertrouwenbeginsel. In het algemeen mag worden aangenomen dat persoonlijke informatie sneller vertrouwen wekt dan niet-persoonlijke informatie. Verder is het gebruik van een disclaimer slechts een element dat meegenomen moet worden bij het vaststellen of de geadresseerde van de informatie kan en mag vertrouwen op de informatie. Ik ben dan ook benieuwd naar de reactie van minister Kamp; wordt vervolgd.

Lees ook: pensioenadministratie bij verzekeraars voor verbetering vatbaar

Informatie

  • Pensioen Algemeen
  • Maandag 14 februari 2011