Hypotheekadviseur is tekortgeschoten bij financiering pand

Het Kifid heeft op 5 februari 2020 uitspraak gedaan of een adviseur ten onrechte de verwachting heeft gewekt of een financiering haalbaar zou zijn en dat hij daarmee in strijd met de zorgplicht heeft gehandeld.

Belanghebbende heeft een bedrijfspand gekocht om hier te gaan wonen. Hij krijgt hier een woonvergunning voor. Belanghebbende laat zich voor de financiering van het pand begeleiden door een adviseur. De financieringsaanvraag wordt echter door de geldverstrekker afgewezen.

 

Belanghebbende stelt dat de adviseur toerekenbaar is tekortgeschoten in zijn dienstverlening en eist een schadevergoeding van € 42.588. Dit bedrag bestaat uit:

 

  • € 25.000 gemiste verkoopopbrengst van de huidige eigen woning
  • € 10.500 borgsom voor het nieuwe pand
  • € 4.607,50 interieurskosten
  • € 2.480,50 voor het inschakelen van een ingenieursbureau.

 

De adviseur stelt onder meer dat er geen sprake is van een overeenkomst van opdracht. Het Kifid oordeelt dat, hoewel er geen ondertekende, schriftelijke overeenkomst van opdracht is, de rechtsverhouding tussen partijen kwalificeert als een overeenkomst. Een dergelijke overeenkomst kan namelijk ook mondeling tot stand komen.

 

Op de adviseur rust bij de uitvoering van deze opdracht een zorgplicht. Het Kifid oordeelt dat de adviseur in strijd met deze zorgplicht heeft gehandeld door de verwachting te wekken dat de financiering haalbaar was, mits de woonvergunning zou worden verstrekt, zonder dat hij de stukken over het inkomen van belanghebbende aandachtig heeft beoordeeld.

 

Het Kifid wijst echter alleen 50% van de gemaakte interieurskosten als vergoeding toe.

Informatie

  • Financieren
  • Maandag 17 februari 2020