Kamervragen rentegevoeligheid beantwoord

Staatssecretaris Klijnsma van SZW heeft op 20 april 2015 Kamervragen over de rentegevoeligheid en de gevolgen van het beleid van de Europese Centrale Bank op pensioenfondsen beantwoord.

Pensioenfondsen hebben last van de aanhoudende lage rente. Bij een lage rente is meer geld nodig om alle toegezegde pensioenen te bekostigen, waardoor de dekkingsgraad van een pensioenfonds negatief wordt beïnvloed. Ook het opkoopprogramma van de Europese Centrale Bank heeft nadelige gevolgen voor de dekkingsgraden van de pensioenfondsen. Vanaf het moment dat het opkoop-programma bekend is gemaakt, zijn de marktrentes gedaald.

Ten aanzien van de koopkracht zijn op de korte termijn nauwelijks gevolgen te verwachten Voor de mate van indexatie heeft het ECB-programma op de korte termijn nauwelijks gevolgen. Het merendeel van de pensioenfondsen had vóór de start van dit programma al te weinig vermogen om de pensioenen te indexeren. Als de marktrente nog geruime tijd op het huidige niveau blijft, kan het moment waarop de pensioenen weer volledig kunnen worden geïndexeerd, in de tijd opschuiven. In dat geval ontstaan op langere termijn gevolgen voor de koopkracht van de pensioenen.

Het merendeel van de pensioenfondsen beschermt zich al geruime tijd tegen de gevolgen van een rentedaling door een deel van hun bezittingen in vastrentende waarden te beleggen, zoals staatsleningen en bedrijfsleningen. Om het renterisico verder te beperken, houden veel fondsen in aanvulling op hun vastrentende waarden zogenoemde rentederivaten aan, zoals swaps en swaptions. De voor- en nadelen van renteafdekking en de risico’s van rentederivaten momenteel onderzocht

Informatie

  • Pensioen Algemeen
  • Vrijdag 1 mei 2015