Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Ongerealiseerd valutaverlies niet aftrekbaar

Het realiteits- en het voorzichtigheidsbeginsel geven samen met het eenvoudbeginsel invulling aan goed koopmansgebruik. Vooral de toepassing van het realiteitsbeginsel was van belang in een zaak bij Hof Den Haag waarin het de vraag was of een ongerealiseerd valutaresultaat op een nog niet betaald deel van de koopsom voor een bedrijfsmiddel aftrekbaar is van de fiscale winst. Het hof heeft op 13 oktober 2020 uitspraak gedaan.

Goed koopmansgebruik

In artikel 3.25 Wet IB 2001 is bepaald dat de in een kalenderjaar genoten winst wordt bepaald volgens goed koopmansgebruik, met inachtneming van een bestendige gedragslijn die onafhankelijk is van de vermoedelijke uitkomst. Artikel 3.25 Wet IB 2001 is via artikel 8 lid 1 Wet Vpb van toepassing voor de vennootschapsbelasting.

Een van de hoofdbeginselen van het begrip goed koopmansgebruik is het realiteitsbeginsel. Dit beginsel betekent dat een ondernemer dient aan te sluiten bij de economische werkelijkheid. Op grond van dit beginsel moeten de baten in het jaar waarin deze zijn gerealiseerd aan het fiscale resultaat worden toegerekend en moeten de lasten, indien de lasten samenhangen met baten, worden toegerekend aan die baten.

Een ander hoofdbeginsel van het begrip goed koopmansgebruik is het voorzichtigheidsbeginsel. Het beginsel houdt in dat winsten pas tot het fiscale resultaat hoeven te worden gerekend, nadat deze werkelijk zijn behaald en dat verliezen die nog niet zijn gerealiseerd wel al ten laste van het fiscale resultaat mogen worden gebracht.

Op 13 oktober 2020 heeft Hof Den Haag uitspraak gedaan hoe het realiteits- en het voorzichtigheidsbeginsel moeten worden toegepast op een valutaverlies bij de aankoop van een bedrijfsmiddel, waarbij een deel van de koopsom in een later jaar wordt betaald.

Uitspraak Hof Den Haag

Casus

Belanghebbende is een bv, die op 17 november 2014 een overeenkomst voor de aankoop van een vliegtuig heeft getekend. De koopsom bedraagt $ 8.050.000, waarvan belanghebbende een bedrag van $ 2.050.000 heeft aanbetaald bij het ondertekenen van de overeenkomst. Het restantbedrag van $ 6.000.000 moet belanghebbende betalen op de datum van de levering van het vliegtuig. Over dit bedrag is geen rente verschuldigd.

Belanghebbende heeft het nog niet geleverde vliegtuig ultimo 2014 op de fiscale balans opgenomen voor € 6.430.226. Dit betreft de koopsom van $ 8.050.000 tegen de omrekenkoers van € 1 = $ 1,2519 op 17 november 2014.

Daarnaast heeft belanghebbende op de fiscale balans het resterende deel van de koopsom van $ 6.000.000 opgenomen als betalingsverplichting. Deze verplichting bedraagt € 4.792.715 bij een koers van € 1 = $ 1,2519 op het moment van aankoop van het vliegtuig. Ultimo 2014 bedraagt de tegenwaarde van de verplichting € 4.958.268 (koers: € 1 = $ 1,2101). Belanghebbende heeft deze toename van de verplichting met € 165.553 in haar aangifte vennootschapsbelasting 2014 aangemerkt als aftrekbaar valutaverlies. De inspecteur heeft bij het vaststellen van de aanslag echter geen rekening gehouden met dit valutaverlies.

Het geschil

In geschil is of het in strijd met goed koopmansgebruik is om in 2014 een valutaverlies te nemen op de verplichting van $ 6.000.000. Volgens belanghebbende voldoet de waardering van deze verplichting aan de eisen van goed koopmansgebruik: het realiteitsbeginsel, het voorzichtigheidsbeginsel en het eenvoudbeginsel dwingen derhalve tot toerekening van het valutaverlies op deze verplichting aan het jaar 2014.

Volgens de inspecteur kan de verplichting tot voldoening van het restant van de koopsom op het moment van levering van het vliegtuig niet los worden gezien van het daarmee direct samenhangende recht op toekomstige levering van het vliegtuig. Op grond van goed koopmansgebruik dienen deze balansposten derhalve 'samenhangend' te worden gewaardeerd en is per saldo geen sprake van een aftrekbaar valutaverlies. Het valutaverlies moet derhalve als onderdeel van de kostprijs worden geactiveerd.

Overwegingen en oordeel hof

Hof Den Haag overweegt dat tot de aanschaffingskosten van een bedrijfsmiddel niet alleen de prijs, die voor de aankoop is besteed, moet worden gerekend, maar ook de kosten die op de aankoop zijn gevallen en die tezamen met de koopsom het bedrag uitmaken, dat uit de onderneming ter verkrijging van het bedrijfsmiddel moeten worden beschikbaar gesteld.

Tot de aanschaffingskosten van het vliegtuig behoort onder meer de aanbetaling van
$ 2.050.000, die moet worden omgerekend en geactiveerd tegen de koers op de dag van betaling (17 november 2014). Daarnaast behoort tot de aanschaffingskosten van het vliegtuig het restant van de koopprijs van $ 6.000.000.

Belanghebbende heeft dit laatstgenoemde bedrag ook omgerekend en op de fiscale balans geactiveerd tegen de koers op 17 november 2014. Voor de berekening van de uiteindelijke aanschaffingskosten dient dit bedrag volgens het hof echter te worden omgerekend tegen de koers op het moment dat dit bedrag verschuldigd is (de datum van levering van het vliegtuig). Dit bedrag is - tezamen met de aanbetaling - de uitgave, omgerekend in euro's, die belanghebbende daadwerkelijk heeft gedaan ter verkrijging van het vliegtuig. Een valutaresultaat op de resterende koopprijs als gevolg van de ontwikkeling van de wisselkoers tussen 17 november 2014 (de datum van ondertekening van de koopovereenkomst) en de datum van verschuldigdheid van de resterende koopprijs behoort derhalve tot de aanschaffingskosten van het vliegtuig. Dit valutaresultaat komt daarmee tot uitdrukking in de jaarlijkse afschrijvingen op het vliegtuig. 

Tot het moment van verschuldigdheid van de resterende koopprijs correspondeert een ongerealiseerd valutaverlies op het nog te betalen deel van de koopprijs met een even groot ongerealiseerd valutawinst op de resterende aanschaffingskosten.

Het hof oordeelt derhalve dat het in strijd met goed koopmansgebruik is, in het bijzonder met het realiteitsbeginsel, om in 2014 een ongerealiseerd valutaverlies op de verplichting tot betaling van het restant van de koopprijs in aftrek te brengen.

Informatie

  • VTVaktechniek
  • Fiscaal: Wet IB, Fiscaal: Wet Vpb
  • EQF 7
  • Dinsdag 10 november 2020
Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships