Oudedagsreserve, pensioen of aftrekpost?

Ondernemers kunnen een oudedagsvoorziening vormen via de oudedagsreserve. Deze oudedagsreserve vindt u terug op de balans van de onderneming. Voor alle ondernemers die gebruik maken van de oudedagsreserve of overwegen dat te gaan doen, heb ik in deze bijdrage een overzicht van de voordelen, maar met name ook van de valkuilen opgenomen.

Werking oudedagsreserve

In de Wet IB 2001 is een speciale faciliteit opgenomen voor de IB-ondernemer ten behoeve van zijn oudedagsvoorziening. Dat is de oudedagsreserve. Jaarlijks kan de ondernemer 12% van de winst reserveren voor een oudedagsreserve. De reservering per jaar is maximaal € 11.396,- (cijfer 2008). De oudedagsreserve mag na toevoeging echter nooit hoger zijn dan het ondernemingsvermogen aan het einde van het kalenderjaar.

Doel oudedagsreserve

De oudedagsreserve is een fiscale reserve en derhalve een belastingschuld. Het is nog geen oudedagsvoorziening! De reserve kan worden gebruikt om een lijfrente aan te kopen. Wanneer de reserve wordt gebruikt om een lijfrente aan te kopen is in beginsel aan de ondernemer. Die bepaalt zelf het moment, of de momenten, waarop dat gebeurt. Dit is een belangrijk voordeel van de oudedagsreserve. U kunt in uw onderneming langer over uw liquiditeiten blijven beschikken. Als u direct lijfrentepremies betaalt, verlaat het geld uw onderneming en dat geld ziet u pas weer terug als u gaat lijfrentenieren.

Omzetten in een lijfrente

Als de oudedagsreserve wordt omgezet in een lijfrente, zal de reserve vrijvallen voor het bedrag dat wordt betaald aan lijfrente (belaste winst) en het belastbaar inkomen verlaagd met het betaalde bedrag (uitgave inkomensvoorziening). Een neutrale handeling, met dien verstande dat de winst wordt verhoogd en deze verhoging wordt door een andere bron weer teniet gedaan. Dit kan resulteren in onder andere een lagere zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling. U bepaald zelf wanneer u een lijfrente aankoopt en hoeveel u van de reserve op dat moment daarvoor gebruikt.

Belaste afname van de oudedagsreserve

De oudedagsreserve neemt dus toe als u dat wilt met 12% van de winst. Toename is toegestaan voorzover het eigen vermogen toereikend is. De oudedagsreserve kan door toevoeging het eigen vermogen niet overstijgen. Indien het eigen vermogen daalt, dan blijft de reeds gevormde reserve staan. Alleen op speciale momenten kan de oudedagsreserve belast afnemen. Dat gebeurt bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd, bij staking of bij het niet meer aan het urencriterium voldoen (1225 uur per jaar gedurende twee voorafgaande jaren).

Risico

Als het minder gaat met de onderneming, dan daalt de oudedagsreserve dus niet. Indien u noodgedwongen de onderneming beëindigt, zit u nog met de oudedagsreserve, waar nog over dient te worden afgerekend. Het kan zelfs gebeuren dat u uiteindelijk in privé wordt aangesproken voor de belastingclaim.

De oudedagsreserve wordt vaak gebruikt om de fiscale winst te drukken. In mijn optiek is dat niet verstandig. Als u reserveert voor de oudedagsreserve beslist u feitelijk dat u een lijfrente wilt nemen, maar pas later wilt betalen. Gebruikt u de oudedagsreserve als aftrekpost, neemt u een groot risico.

Als u wel een lijfrente wilt, maar besluit eerst gebruik te maken van de oudedagsreserve, stelt u dan  het moment van afstorten (de lijfrente daadwerkelijk aankopen) niet te lang uit want de risico's zijn groot.

Goed advies

Als u geen lijfrente wilt, neem dan ook geen oudedagsreserve!

Advisering over de oudedagsreserve is mijns inziens dan ook uitsluitend voorbehouden aan pensioenadviseurs of financial planners. De oudedagsreserve is geen fiscaal vraagstuk maar een vraagstuk over oudedagsvoorzieningen. Bij advisering over oudedagsvoorzieningen dient uw adviseur te informeren naar uw doelstelling, uw ervaring, uw risicobereidheid en uw financiële positie. Overleg eens met uw fiscaal adviseur of accountant of hij deze mening deelt.

Informatie

  • Pensioen Algemeen
  • Maandag 10 november 2008