Rapport commissie Goudswaard

Goudswaard_k.ashxVandaag ontving Minister Donner het rapport van de commissie Goudswaard. De commissie had als taak 'te analyseren of en in hoeverre het huidige stelsel van aanvullende pensioenen toekomstbestendig is en oplossingsrichtingen te schetsen die het stelsel beter bestand maken tegen financiële schokken in het licht van de vergrijzing. Randvoorwaarde is om een op collectiviteit en solidariteit gebaseerd systeem te behouden.'

De commissie Goudswaard constateert dat Nederland beter dan andere landen is voorbereid op de vergrijzing. Maar het pensioenstelsel staat onder druk en de rek is uit de premie. De kosten van de aanvullende pensioenen lopen sterk op. Op basis van projecties die het Centraal Planbureau op verzoek van de commissie heeft gemaakt is te zien dat de pensioenpremies bij de huidige ambities zouden moeten stijgen van bijna 13% van de loonsom nu naar meer dan 17% in 2025.

De commissie concludeert dat het Nederlandse pensioenstelsel met de bestaande ambities en veronderstelde zekerheid onvoldoende toekomstbestendig is vanwege de vergrijzing, de stijgende levensverwachting en de toenemende kwetsbaarheid voor financiële risico’s.

Maar er zijn volgens de commissie goede mogelijkheden om het stelsel aan te passen. De commissie is van oordeel dat er nauwelijks rek meer zit in de pensioenpremies. Dat betekent dat oplossingen gezocht moeten worden in een beperking van de pensioenambitie of in het anders omgaan met risico’s, of een combinatie van beide.

Beperken van de ambitie ten aanzien van de hoogte van het pensioen

Dat drukt de kosten en maakt ruimte voor het opvangen van de dreigende premiestijging als gevolg van onder meer de stijgende levensverwachting. Sociale partners zouden ervoor kunnen kiezen de norm van 70% van het laatstgenoten loon op 65-jarige leeftijd naar beneden bij te stellen. Bij een gelijk aantal opbouwjaren betekent dat een lager opbouwpercentage. Mensen kunnen door langer doorwerken weer een zelfde pensioenuitkering bereiken. Ook kan gekozen worden voor het maximeren van het pensioengevend salaris of het overgaan naar indexatie van pensioenen op basis van prijzen in plaats van lonen.

Levensverwachting in de pensioenregelingen incorporeren

Het automatisch koppelen van de pensioenuitkering of de pensioenleeftijd aan de stijgende levensverwachting maakt het stelsel toekomstbestendiger, omdat een bron van kostenstijging wordt weggenomen.

Anders omgaan met onzekerheid

Dat vereist dat bepaalde risico’s, zoals het langlevenrisico, meer expliciet bij de deelnemers komen te liggen. Hiermee krijgt de pensioenopbouw voor een groter deel het karakter van voorwaardelijke (of ‘zachte’) rechten. Eventueel kan de mate waarin zekerheid wordt geboden afhankelijk worden gemaakt van karakteristieken van groepen deelnemers, zoals leeftijd of inkomen. Wanneer minder garanties worden gegeven kan de pensioenambitie beter gehandhaafd blijven.

Communicatie

Het verlagen van de ambitie dan wel het accepteren van een hoger risico vereist ook dat daarover nadrukkelijk en transparant wordt gecommuniceerd. Deelnemers moeten zo goed mogelijk en zo begrijpelijk mogelijk worden geïnformeerd over de verwachte koopkracht van de pensioenrechten en de onzekerheid daarin.

Commentaar

De rek is uit de premie. Dat is geen verrassing. Dat er dus iets moet gebeuren anders dan de premie verhogen moge duidelijk zijn. Als de premie niet mag worden verhoogd moet er iets anders gebeuren. Veel opties blijven er dan niet over om uit te kiezen.

Je kan de ambitie verlagen. Feitelijk is dat al gebeurt met de verlaging van de tweede pijler in het kader van de AOW leeftijd naar 67 jaar. Geen verrassend voorstel dus. Sterker nog, het is al in gang gezet.

Generatiepensioen (afhankelijk van de levensverwachting) is ook niets nieuws. Commissie Bakker had dit ook al voorgesteld.

Het voorwaardelijk maken van pensioen verrast mij wel. Doordat traditioneel eindloon op grote schaal is omgezet in voorwaardelijk geïndexeerd middelloon is al een deel van het pensioen voorwaardelijk geworden. Het voorstel nu is om een nog groter deel van het pensioen voorwaardelijk te maken. Gelet op de onzekerheid en het wantrouwen dat bij veel werknemers is ontstaan de afgelopen jaren lijkt dit voorstel mij een brug te ver.

Goede communicatie tenslotte zie ik als een absolute voorwaarde, alleen ook dit is geen vernieuwend punt.

Download hier de samenvatting van het rapport

Naschrift 29 januari 2009:

In mijn commentaar geef ik aan inhoudelijk niet echt verrast te zijn door het rapport. Het lijkt alsof ik het geen sterk rapport vind. Dat is ook zo. Inhoudelijk valt het rapport mij tegen. Wat ik echter uitermate positief vind is dat het rapport veel impact heeft in Nederland. De veel gehoorde opmerking is dat er nu eindelijk iets moet gaan gebeuren. Iedereen is zich daar bewust van geworden. Gelukkig maar.

Informatie

  • Pensioen Algemeen
  • Woensdag 27 januari 2010