Schade verhalen op de veroordeelde van heling

Rechtbank Den Haag oordeelt over een subrogatievordering van een verzekeraar op een voor opzetheling veroordeelde gedaagde.

Er worden duizenden flessen exclusieve wijn gestolen. De verzekeraar vergoedt deze schade. Na uitloving van tipgeld wordt de partij wijn grotendeels teruggevonden op 450 flessen na.

De gesubrogeerde verzekeraar wil de schade van die verdwenen flessen verhalen op de heler van de gestolen wijn. Dat doen ze nog net op tijd, want de rechtbank vindt dat de vordering nog niet verjaard is. De verjaring start pas echt op het moment dat de  directeur van verzekerde bij de strafzitting de identiteit van de verdacht heeft gehoord.

Die identiteit had niet eerder vastgesteld kunnen worden ook niet via het intensieven contact met de politie over de zaak. Het vragen van inzage in het strafdossier hoefde niet te gebeuren. Dat gaat verder dan een beperkt onderzoek om de identiteit van de aansprakelijke partij te achterhalen.

De rechtbank vindt verder dat er een causaal verband is tussen de heling en de schade. De schade is toerekenbaar. Gesteld kan worden dat de schade door de diefstal en niet door de heling is veroorzaakt. Er is gestolen wijn voorhanden geweest, terwijl de dader wist dat die van diefstal afkomstig was. Er is willens en wetens een criminele keten in stand gehouden. De vordering van de verzekeraar wordt daarom toegewezen.

Informatie

  • Schade Particulier, Schade Zakelijk
  • Vrijdag 9 oktober 2020