Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

STAP – Stimulering arbeidsmarktpositie

In voorgaande jaren heeft u al kennis kunnen nemen van het voornemen van de overheid om individuen meer weerbaar te maken op de arbeidsmarkt, door ze te stimuleren zich steeds te blijven ontwikkelen. Daartoe is bijvoorbeeld al het levenlanglerenkrediet geïntroduceerd.

In 2022 komt er een andere regeling: STAP. Dat staat voor STimulering Arbeidsmarkt Positie. Hoewel de inhoud daarvan nog niet exact bekend is, is die nu al van belang voor u als medewerker in de financiële dienstverlening. Al was het maar omdat deze ontwikkeling bevraagd kan worden in het examen Permanente Educatie Wft bij elke module.

Inleiding en doel van de regeling

Twee generaties geleden, was het nog normaal wanneer iemand zijn hele werkzame leven voor dezelfde werkgever bleef werken. In de huidige arbeidsmarkt is dat eerder uitzondering dan regel. De arbeidsmarkt verandert steeds sneller en mensen moeten steeds flexibeler zijn in hun vaardigheid en competenties om werkzaamheden te veranderen of actueel te blijven.

Daar weet u alles van als medewerker in de financiële dienstverlening: u wordt geacht elke drie jaar een examen te doen om aan te tonen dat u alle relevante zaken in uw vakgebied hebt bijgehouden. Daarnaast moet u aan kunnen tonen permanent actueel te zijn.

In het geval van financieel dienstverleners is deze plicht wettelijk verankert. Dat geldt ook voor veel andere beroepsgroepen. Maar voor heel veel werkenden geldt dit niet. Zij zullen zichzelf moeten ontwikkelen. De overheid hoopt iedereen daarmee te stimuleren door de subsidieregeling Stimulering Arbeidsmarktpositie (STAP) in te voeren vanaf 2022: het STAP-budget.

Dit past in het meerjarig overheidsprogramma “Leven lang ontwikkelen”.

Feitelijk is het stimuleren van een ontwikkeling niet nieuw. Er was altijd al een mogelijkheid om onderwijs- en ontwikkelkosten tot op zekere hoogte af te trekken van het belastbaar inkomen (de aftrekpost “scholingsuitgaven”). Die vervalt en daarvoor komt een STAP-budget in de plaats.

Inhoud van de regeling

Let op: De definitieve regeling is nog niet als wetgeving gepubliceerd in januari 2021. We schrijven hieronder telkens hoe de regeling werkt volgens de meest recente concept-regeling. Voor het beantwoorden van de vragen (ook in het PE-examen van het CDFD) kunt u uitgaan van de informatie zoals die hieronder wordt weggeschreven, ook al is die niet zeker.

Het STAP-budget is een subsidie van maximaal € 1.000 per jaar per aanvrager. Hiermee wordt iedere volwassene met een band met de Nederlandse arbeidsmarkt de mogelijkheid geboden om in de eigen ontwikkeling te investeren en duurzaam inzetbaar te zijn en te blijven. De band met de Nederlandse arbeidsmarkt wordt vastgesteld aan de hand van objectieve criteria.

Subsidiabele kosten

De opleidingskosten waarvoor het budget geldt, zijn:

  • Alle kosten die door de opleider in rekening worden gebracht voor het volgen van de opleiding of training. Onder de subsidiabele kosten van de scholingsactiviteit worden les-, cursus- of collegegeld en, indien van toepassing, examengeld verstaan
  • Kosten voor door de opleider verplicht gestelde leermiddelen en beschermingsmiddelen zijn ook subsidiabel indien deze kosten door de opleider in rekening worden gebracht

Overige kosten die niet door de opleider in rekening worden gebracht, zijn voor rekening van de aanvrager.

Als de kosten voor de scholingsactiviteit hoger zijn dan € 1.000, zal de aanvrager een eigen bijdrage of een alternatieve financieringsbron moeten aanwenden om de volledige kosten te voldoen.

Bestedingsdoelen

Het STAP-budget kan worden ingezet voor een uitgebreid arbeidsmarktgericht aanbod aan scholings- en ontwikkelingsactiviteiten. Om de kwaliteit van de scholingsactiviteit te garanderen en misbruik via de kant van de opleider te voorkomen moet ten minste worden voldaan aan één van de volgende criteria:

  • De scholingsactiviteit wordt aangeboden door een opleider die door OCW erkend onderwijs verzorgt (hierop is wel een uitzondering, zie opmerking onder deze opsomming). Op deze activiteit vindt toezicht door de Inspectie van het Onderwijs plaats
  • De scholingsactiviteit leidt op tot een branche of sector erkend certificaat
  • De scholingsactiviteit is ingeschaald in het Nederlandse Kwalificatieraamwerk NLQF
  • De scholingsactiviteit wordt aangeboden door een opleider met een NRTO-keurmerk
  • De scholingsactiviteit bestaat uit een EVC-procedure bij een erkende EVC-aanbieder

Voor aanvragers onder de 30 jaar is er een beperkter aanbod van scholingsactiviteiten beschikbaar om samenloop met studiefinanciering of tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten te voorkomen. Dit houdt in dat het STAP-budget door deze groep niet kan worden aangevraagd voor OCW-erkende voltijdsopleidingen.

Voorwaarden om voor STAP-budget in aanmerking te komen

Er geldt een aantal criteria voor toekenning van het budget, onder meer om de “band met de Nederlandse arbeidsmarkt” aan te tonen. Dat zijn:

  • De aanvrager is tussen de 18 jaar oud en de AOW-leeftijd
  • De aanvrager is een burger van de EU of familielid daarvan
  • De aanvrager is de afgelopen twee jaar gedurende ten minste zes maanden verzekerd voor de volksverzekeringen en kan daarmee aantonen een band te hebben met de Nederlandse arbeidsmarkt. Ten behoeve van de uitvoerbaarheid en de rechtszekerheid zal UWV bij de beoordeling van dit criterium voor twee jaar terugkijken. Bij de beoordeling van de aanvraag zal het UWV beoordelen of de aanvrager in de afgelopen twee jaar gedurende ten minste zes maanden verzekerd is geweest voor de volksverzekeringen in Nederland
  • Er geldt geen STAP-budget als de opleiding al gefinancierd wordt op een andere manier, zoals studiefinanciering, studievoorschotvouchers, lerarenbeurs en tegemoetkoming schoolkosten voor meerderjarigen
  • De scholingsactiviteit waarvoor financiering wordt aangevraagd, voldoet aan de hierboven gestelde criteria voor bestedingsdoelen
  • De opleiding moet binnen zes maanden na sluiting van het betreffende aanvraagtijdvak beginnen

Daarnaast gelden nog twee aspecten: er zit een limiet op het totale STAP-budget voor heel Nederland. Als dat op is, worden geen nieuwe STAP-budgetten meer toegekend, ook al wordt er aan de voorwaarden voldaan. Een STAP-budget wordt bovendien maximaal één keer per jaar toegekend.

Uitvoering

Als iemand een opleiding volgt, kan hij in een scholingsregister kijken of de scholingsactiviteit voldoet aan de voorwaarden voor het STAP-budget. Via een formulier kan hij vervolgens dit budget aanvragen. Dat moet hij doen voordat de opleiding is gestart. De uitvoerder van het STAP-budget is het UWV. Na goedkeuring (wat grotendeels geautomatiseerd verloopt), keert het UWV het budget uit aan de opleider. Als de opleiding duurder is dan € 1.000, moet de opleider het restant dus wel zelf in rekening brengen bij de aanvrager.

De opleider moet desgevraagd wel aantonen dat de aanvrager de opleiding heeft gevolgd (en met goed gevolg heeft afgerond). Als achteraf blijkt dat iemand niet deelgenomen heeft, kan het UWV de subsidie terugvorderen.

Informatie

  • Basis
  • EQF 5
  • Maandag 1 februari 2021
Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships