Vaststelling draagkracht gepensioneerde alimentatieplichtige

Hof Den Haag heeft op 11 december 2019 (publicatie 20 januari 2020) uitspraak gedaan of er redenen voor een afbouwregeling van de partneralimentatie zijn in de situatie waarin de alimentatieplichtige een pensioenuitkering van zijn bv ontvangt.

Partijen zijn gescheiden. In geschil is de hoogte van de partneralimentatie. Volgens de man heeft hij onvoldoende draagkracht om de partneralimentatie te voldoen. Hij ontvangt onder andere van zijn bv een pensioenuitkering. Hij is van mening dat een afbouw van de partneralimentatie verdedigbaar is omdat hij op zijn (pensioen)vermogen al zodanig fors inteert dat het de vraag is of de partneralimentatie nu al niet te hoog is.

 

De vrouw stelt onder andere dat het geenszins vast staat dat de man in de nabije toekomst lagere pensioeninkomsten zal hebben. Bovendien kan de man bij een wijziging van omstandigheden altijd een verzoek tot vermindering van de partneralimentatie indienen.

 

Hof Den Haag overweegt dat de man heeft verklaard dat er, ondanks beleggings-verliezen, nog genoeg vermogen in de bv aanwezig is voor de uitkering van het huidige pensioen. Ook uit zijn eigen berekeningen blijkt dat hij de partneralimentatie kan betalen. Het hof ziet derhalve geen aanleiding te anticiperen op mogelijk negatieve financiële ontwikkelingen bij de man. Zoals de vrouw terecht stelt, kan de man altijd een wijzigingsverzoek ter zake de partneralimentatie indienen, mochten de omstandigheden daartoe aanleiding geven.

 

Het hof oordeelt dat er geen reden is voor een afbouwregeling van de partneralimentatie.

Informatie

  • Recht: Overig
  • Maandag 27 januari 2020