Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Voor verkoop effecten na overlijden is concrete opdracht nodig

Als iemand overlijdt mag een bank de rekeningen ten name van de overledene blokkeren. Als erfgenamen een verklaring van erfrecht overleggen, kunnen zij weer over de geblokkeerde rekening beschikken.

 

Het Kifid heeft op 8 januari 2020 geoordeeld of het aan de bank overleggen van een verklaring van erfrecht niet alleen betekent dat bankrekeningen worden gedeblokkeerd, maar ook dat de bank er direct voor moet zorgen dat de effecten van een beleggingsrekening worden verkocht.

De casus

De moeder van belanghebbende is overleden. Voor de afwikkeling van de betaal-, spaar- en beleggingsrekeningen van zijn overleden moeder heeft belanghebbende op 23 mei 2018 een verklaring van erfrecht bij de bank afgegeven.

 

Op 20 december 2018 heeft belanghebbende de bank verzocht de effecten te verkopen. Een deel van de effecten is verkocht op 21 december 2018 en een deel op 24 december 2018. Hierna is de rekening opgeheven door de bank.

Het geschil

Volgens belanghebbende heeft de bank onrechtmatig dan wel onzorgvuldig gehandeld door niet gelijk na ontvangst van de verklaring van erfrecht, de effecten van de betreffende beleggingsrekening te verkopen. Belanghebbende vordert dat de bank het opgetreden koersverschil (verlies) tussen mei en december 2018, door hem begroot op circa € 6.000, moet compenseren.

 

Belanghebbende voert hiertoe de volgende argumenten aan:

 

  • De verklaring van erfrecht is door de bank niet op de juiste inhoudelijke waarde beoordeeld. Er mocht vanuit worden gegaan dat de erfgenamen de nalatenschap wilden verdelen
  • In maart 2018 is een deel van de effectenportefeuille verkocht in verband met betalingen van diverse rekeningen rondom de uitvaart. Rekeningen zijn toen geblokkeerd, vanwege het ontbreken van een verklaring van erfrecht
  • Op 23 mei 2018 heeft belanghebbende de verklaring van erfrecht overgelegd en in een gesprek met een medewerker van de bank is verzocht om alle rekeningen te deblokkeren, zodat hij deze kon verdelen onder de erfgenamen. Na enkele dagen bleek dat slechts een (betaal)rekening was gedeblokkeerd. Belanghebbende heeft toen met de bank gebeld, waarna een en ander is blijven liggen in verband met zijn persoonlijke omstandigheden. De bank was op de hoogte van zijn persoonlijke omstandigheden, daarom vindt belanghebbende het zeer kwetsend dat de bank heeft aangevoerd dat hij in de periode tussen mei tot december 2018 heeft stil gezeten

Overwegingen en oordeel Kifid

Het Kifid stelt vast dat belanghebbende gezien de verklaring van erfrecht een volmacht van alle erfgenamen heeft en bevoegd is om alle rekeningen van de overledene op te heffen en de gelden over te boeken. De verklaring van erfrecht houdt – en houdt in het algemeen – echter geen concrete opdracht aan de bank in om daadwerkelijk tot het opheffen van de rekeningen over te gaan.

 

Het Kifid acht in het onderhavige geval wel aannemelijk dat belanghebbende, zoals hij heeft gesteld, bij het overleggen van de verklaring van erfrecht de bank heeft gevraagd de betreffende rekeningen te deblokkeren, zodat hij over de betreffende rekeningen kon beschikken. Het verzoek tot deblokkering van een beleggingsrekening betekent echter niet gelijk ook een verzoek om alle effecten daarop te verkopen. Ook als wordt aangenomen – zoals belanghebbende stelt, maar de bank betwist – dat belanghebbende enkele dagen na het overleggen van de verklaring van erfrecht de bank heeft gebeld omdat niet alle maar slechts een rekening was gedeblokkeerd, kan het Kifid niet vaststellen dat belanghebbende daarbij ook (al) een opdracht heeft gegeven tot het verkopen van de effecten.

 

Hoewel het Kifid begrip heeft voor de persoonlijke omstandigheden van belanghebbende, is daarin geen reden te vinden om de bank te verwijten dat de effecten op de betreffende beleggingsrekening niet (gelijk) eind mei 2018, of op enig moment voor 20 december 2018, zijn verkocht. Daarvoor was een concrete opdracht van belanghebbende noodzakelijk. In verband daarmee heeft de bank, naar het oordeel van het Kifid, er terecht op gewezen dat overeenstemming over de verdeling van een nalatenschap wel vaker lang op zich laat wachten, en dat een verdeling ook kan inhouden dat de effecten niet verkocht worden maar naar de erven overgaan.

 

Het Kifid oordeelt dan ook dat de bank kon en mocht wachten op duidelijke instructies voor het sluiten van de tot de nalatenschap behorende rekeningen, waaronder de effectenrekening. Bijzondere omstandigheden die tot een ander oordeel zouden kunnen leiden, zijn niet aannemelijk geworden. Het Kifid wijst de vordering van het geclaimd koersverlies af.

Informatie

  • VTVaktechniek
  • Beleggen
  • Dinsdag 28 januari 2020
Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships