Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen deels in werking

De regering had een wet in voorbereiding, waarmee meerdere knelpunten in oudedagsvoorzieningen opgelost zouden moeten worden. Met de Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen, zou dit op 1 januari 2021 geregeld moeten zijn. De Eerste Kamer was echter kritisch over het wetsvoorstel. Dit heeft ertoe geleid dat de wet slechts deels met terugwerkende kracht ingegaan is op 1 januari 2021.

De titel van de Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen geeft al aan dat er drie verschillende zaken mee geregeld worden. Het deel:

  1. RVU staat voor Regeling Vervroegd Uittreden. Dit onderdeel van de wet is op 1 januari 2021 van kracht geworden
  2. Verlofsparen staat voor de uitbreiding van de mogelijkheid voor verlof te sparen. Ook dit onderdeel van de wet is van kracht sinds 1 januari 2021
  3. Bedrag ineens duidt op de mogelijkheid om eenmalig 10% van het ouderdomspensioen of van een lijfrenteproduct tot uitkering te laten komen. Dit deel van de wet treedt voorlopig nog niet in werking. Het streven is dit deel van de wet op 1 januari 2023 in werking te laten treden. Eerder was beoogd dit deel van de wet al op 1 januari 2022 in werking te laten treden

We gaan nu per onderdeel iets dieper in op de inhoud.

RVU

Tot 2005 waren er allerlei regelingen waardoor mensen al voor hun pensioenleeftijd konden stoppen met werken. Denk hierbij aan VUT-regelingen, prepensioen, tijdelijk overbruggingspensioen, maar ook overbruggingslijfrenten.

In 2005 werd de Wet aanpassing fiscale behandeling VUT/prepensioen en introductie levensloopregeling (Wet VPL) aangenomen. Dat maakte een eind aan diverse regelingen waarmee iemand eerder kon stoppen met werken. In theorie bleef de mogelijkheid in de tweede pijler bestaan, maar dan kreeg de werkgever wel te maken met een ‘pseudo-eindheffing’ van 52% van de uitkering, terwijl die uitkering ook al bij de werknemer belast was. In totaal kon een dergelijke regeling daardoor tegen 104% belast worden, wat het erg onaantrekkelijk maakte.

Dat was precies de bedoeling van de wetgever: die wilde de arbeidsparticipatie van ouderen vergroten, door regelingen die vroeger met pensioen gaan bewerkstelligen fiscaal te ontmoedigen. De Wet VPL heeft dan ook een groot effect gehad. In 2005 lag de gemiddelde pensioenleeftijd nog iets onder de 61 jaar. In 2019 lag deze leeftijd op iets boven de 65 jaar.

Voor veel werkenden is de stijging van de feitelijke pensioenleeftijd wel erg snel gegaan. Zeker nu ook de AOW-leeftijd steeds hoger wordt. Het kabinet heeft mede daarom in het pensioenakkoord afspraken met sociale partners gemaakt om “ervoor te zorgen dat op termijn iedereen gezond en werkend zijn of haar pensioen haalt”, aldus de Memorie van Toelichting. Daarom wordt de pseudo-eindheffing (ook wel ‘RVU-heffing’) verzacht. Deze heffing geldt niet voor werkgevers die hun werknemers een uitkering geven, wanneer voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:

  • De uitkering gaat op zijn vroegst in op de leeftijd die 36 maanden voor de AOW-leeftijd van de werknemer ligt (korter mag ook) en
  • De uitkering is netto maximaal even hoog als een netto AOW-uitkering voor een alleenstaande (in het jaar van uitkering). Dit moet per maand berekend worden en
  • De uitkering gaat uiterlijk in op 31 december 2025 (en kan dus uiterlijk doorlopen tot en met 2028). Gebruikmaking van de vrijstelling is ook mogelijk als de uitkering uiterlijk op 31 december 2025 schriftelijk is overeengekomen en de werknemer op dat moment al de leeftijd bereikt heeft die maximaal 36 maanden vóór de AOW-leeftijd ligt, maar de uitkering pas later (tussen 2026 en 2028) gaat lopen. Het is in ieder geval dus wel een tijdelijke regeling

Een dergelijke uitkering onder de vrijstelling hoeft niet periodiek te gebeuren. Dat mag ook een bedrag ineens zijn.

Voorbeeld

Jackie bereikt op 18 juni 2024 haar AOW-leeftijd. Zij ontvangt op 1 juli 2021 een eenmalige RVU-uitkering van haar werkgever. De periode tussen het ontvangen van de RVU-uitkering en het bereiken van de AOW-leeftijd bedraagt 35 maanden en 17 dagen. Deze periode mag op hele maanden naar boven worden afgerond, zodat 36 maanden in aanmerking worden genomen voor de drempelvrijstelling. De vrijstelling bedraagt dan € 63.612 (36 maanden maal € 1.767 – het gebruteerde bedrag van een alleenstaanden-AOW). Als het bedrag dat Jackie ontvangt lager is dan dit bedrag, dan hoeft de werkgever dus geen pseudo-eindheffing te betalen. De uitkering is bij Jackie wel gewoon belast.

Let op 1: indien de eenmalige RVU-uitkering vóór 18 juni 2021 wordt ontvangen is er geen drempelvrijstelling van toepassing, omdat de uitkering meer dan 36 maanden vóór het bereiken van de AOW-leeftijd wordt ontvangen. De vrijstelling geldt wel voor alle uitkeringen vanaf 18 juni 2021.

Let op 2: indien het bedrag dat Jackie krijgt hoger is dan € 63.612, dan geldt de RVU-heffing alleen voor het meerdere. Het is een drempelvrijstelling. 

Verlofsparen

Tot 2021 konden werknemers maximaal 50 weken fiscaal gefaciliteerd vakantieverlof en compensatieverlof opsparen. Het kabinet heeft met sociale partners afgesproken om deze fiscale grens te verhogen van 50 naar 100 weken. Dat is nu in wetgeving omgezet.

Idee is dat het opgebouwde verlof op allerlei momenten gedurende de loopbaan (gedeeltelijk) kan worden opgenomen. Dit geeft werknemers de ruimte om zelf hun duurzame inzetbaarheid te vergroten, bijvoorbeeld door het extra gespaarde verlof in te zetten om een aantal jaar voor de pensioenleeftijd minder te gaan werken of gedurende de loopbaan tijd te nemen voor omscholing of een sabbatical.

Daarnaast geeft het werknemers de ruimte om eerder te stoppen met werken, met behoud van salaris. De generieke extra ruimte die wordt geboden, kan bijvoorbeeld benut worden in sectoren waarbij in cao’s of in individuele arbeidsovereenkomsten afspraken gemaakt zijn of worden om bij overwerk, ploegendiensten of anderszins zwaar werk compensatie (deels) via extra verlof-opbouw te laten plaatsvinden zonder verplichting om dit verlof op korte termijn – op straffe van verval – op te nemen.

Bedrag ineens

Voor de adviseur Vermogen of Pensioen zou dit deel van de wet de grootste impact hebben. Maar dit onderdeel van de wet gaat (nog) niet in. Daar kleefden te veel praktische bezwaren aan. Toch gaan we oppervlakkig in op de inhoud van dit deel van het wetsvoorstel, zodat u zich kunt voorbereiden op de mogelijke gevolgen als het wel ingaat.

Met het ‘bedrag ineens’ wordt iedereen op de pensioendatum in staat gesteld om maximaal in één keer een deel van het ouderdomspensioen op te nemen, zonder dat dit leidt tot fiscale sancties die gelden bij (gedeeltelijke) afkoop van pensioenaanspraken.

Achterliggende gedachte achter dit voorstel is dat het opnemen van een bedrag ineens op de pensioeningangsdatum aantrekkelijk kan zijn als deelnemers meer nut denken te ontlenen aan het vermogen kort na pensionering dan in de jaren daarna. In de Memorie van Toelichting worden voorbeelden genoemd als gebruik voor de aflossing van schulden (zoals een hypotheek), reizen, zorgvoorzieningen of de verbouwing van de eigen woning. Het moment dat het bedrag ineens kan worden opgenomen – de pensioeningangsdatum – sluit over het algemeen goed aan bij het uitgavenpatroon van pensioengerechtigden. Uit onderzoek blijkt dat pensioengerechtigden in de beginjaren van hun pensionering hogere uitgaven hebben dan in de jaren daarna. De introductie van dit keuzerecht leidt tot een vergroting van de regie die deelnemers over hun pensioen hebben. Dit kan de betrokkenheid van deelnemers bij het pensioenstelsel – en meer specifiek hun eigen pensioensituatie – vergroten.

Voor opname van het bedrag ineens gelden volgens het voorstel een aantal voorwaarden:

  • Het bedrag dat ineens kan worden opgenomen is maximaal 10% van de waarde van de ouderdomspensioenaanspraken. Minder mag dus ook
  • Als gebruik wordt gemaakt van opname van het bedrag ineens, mag niet ook nog gebruik gemaakt worden van een hoog-laagconstructie (waarbij ouderdomspensioen in de verhouding 100%-75% wordt uitgekeerd)
  • Als iemand gebruik wil maken van de gedeeltelijke afkoop van ouderdomspensioen, dan moet het resterende ouderdomspensioen wel hoger zijn dan de afkoopgrens kleine pensioenen (in 2021: € 503,24 per jaar)
  • Als opname van de gedeeltelijke afkoop van ouderdomspensioen leidt tot verlaging van het partnerpensioen (omdat de hoogte ervan een afgeleide is van het ouderdomspensioen), dan moet die partner toestemming geven
  • Het bedrag ineens moet opgenomen worden op de datum waarop het ouderdomspensioen ingaat. Omdat dit leidt tot onredelijke verschillen in belastingheffing, afhankelijk van de geboortedatum van een pensioengerechtigde, is hier later nog een keuzemoment aan toegevoegd, namelijk 1 februari van het jaar volgend op het jaar dat iemand de AOW-leeftijd bereikt. Daarmee kan iemand vermijden dat het bedrag ineens geheel tegen een hoog belastingtarief belast is, en bovendien allerlei toeslagen gekort worden

Juist deze laatste extra toegevoegde keuzedatum, leidt tot uitvoeringsproblemen bij pensioenuitvoerders, zeker als de pensioenleeftijd ligt vóór de AOW-gerechtigde leeftijd. Die moeten een pensioengerechtigde kunnen informeren over:

  • De hoogte van het reguliere ouderdomspensioen zonder keuze voor opname van een bedrag ineens
  • De hoogte van het ouderdomspensioen als er op pensioendatum gekozen wordt voor opname van een bedrag ineens (en de maximale hoogte van dat bedrag ineens)
  • De hoogte van het ouderdomspensioen als de keuze gemaakt wordt het bedrag ineens pas op 1 februari van het jaar na de AOW-leeftijd uit te keren; het gaat daarbij dus om het reguliere ouderdomspensioen, gevolgd door een lagere uitkering na die toekomstige datum
  • De maximale hoogte van het bedrag ineens als iemand dat pas wil opnemen op dat latere moment (1 februari van het jaar volgend op de AOW-leeftijd)

Dit is uitvoeringstechnisch erg lastig. De Eerste Kamer heeft daarom niet ingestemd met dit deel van het wetsvoorstel. Op 19 januari 2021 is een motie aangenomen, die regelt dat:

  • De modaliteiten van het keuzerecht voor een bedrag ineens nader gepreciseerd moeten worden en
  • Ongewenste effecten voorkomen moeten worden door de regelingen zo nodig aan te passen, zoals bijvoorbeeld door een uitzondering van het bedrag ineens op de huurtoeslag
  • De invoering van het bedrag ineens tot 2023 uitgesteld wordt om in de tussentijd een alternatieve uitvoering te zoeken die minder complex is, beter communiceerbaar en substantieel lagere uitvoeringskosten kent, en draagvlak heeft bij de uitvoeringsorganisaties

Er zitten overigens nog (veel) meer, vrij complexe gevolgen aan het wetsvoorstel om een bedrag ineens op te nemen, zoals in geval van echtscheiding. Die behandelen we hier op dit moment niet, omdat het wetsvoorstel de komende tijd op diverse punten onderzocht wordt en mogelijk aangepast wordt.

Bedrag ineens ook voor andere toekomstvoorzieningen

Als het wetsvoorstel definitief wordt aangenomen (al dan niet met aanpassingen), dan is het de bedoeling dat de mogelijkheid om een bedrag ineens op te nemen niet alleen geldt voor ouderdomspensioen, maar ook voor lijfrenten. Hieronder vallen een lijfrenteverzekering, lijfrenterekening en lijfrentebeleggingsrecht. Ook geldt deze mogelijkheid voor een nettolijfrente of nettopensioen.

Voor lijfrenteproducten gelden vergelijkbare voorwaarden voor opname van een bedrag ineens als bij die keuzemogelijkheid voor ouderdomspensioen. Dus voor oudedagsvoorzieningen in de derde pijler wordt voorgesteld dat ook maximaal 10% van de waarde van de aanspraak op de periodieke uitkeringen op de ingangsdatum van deze uitkeringen als bedrag ineens mag worden uitgekeerd. Tevens geldt de voorwaarde dat de waarde van de aanspraak op de periodieke uitkering, die na die gedeeltelijke afkoop resteert, op de ingangsdatum op jaarbasis meer dient te bedragen dan het bedrag dat geldt voor de afkoop van kleine lijfrenten (2021: € 4.547).

Informatie

  • Vermogen
  • EQF 5
  • Donderdag 4 februari 2021
Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships