Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Wet verandering koppeling AOW-leeftijd; impact voor lijfrenten

Dit bericht betreft een samenvatting van de in het Staatsblad gepubliceerde 'Wet verandering koppeling AOW-leeftijd'.

Totdat de ‘Wet temporisering verhoging AOW-leeftijd’ (Stb. 2019, nr. 246) werd aangenomen, was het de bedoeling dat de AOW-leeftijd vanaf het jaar 2022 (aanvankelijk was dit 2024) automatisch één op één aan de levensverwachting zou worden gekoppeld. Mede met het oog op de al enige tijd lopende maatschappelijke discussie over de verhoging van de AOW-leeftijd en het tempo daarvan, is in het Pensioenakkoord van 5 juni 2019 afgesproken dat de AOW-leeftijd vanaf 2020 minder snel zal stijgen. Zoals het tijdpad met dat akkoord is overeengekomen, geldt voor mensen die vanaf 2025 met pensioen gaan, dat de AOW-leeftijd weliswaar nog steeds gekoppeld zal zijn aan de levensverwachting, maar dat de stijging vanaf 2025 minder sterk zal zijn dan volgens de eerdere regels het geval was.

Op 9 december 2020 is de officiële wettekst van de 'Wet verandering koppeling AOW-leeftijd' in het Staatsblad gepubliceerd (Stb. 2020, nr. 503). Met deze wet wordt de 1-op-1-koppeling van de AOW- en pensioenrichtleeftijd aan de ontwikkeling van de resterende levensverwachting vervangen door een 2/3-koppeling. Dit betekent dat elk jaar levenswinst zich vertaalt in gemiddeld acht maanden langer doorwerken en gemiddeld vier maanden langer AOW-pensioen. De koppeling van de pensioenrichtleeftijd aan de levensverwachting wordt op vergelijkbare wijze aangepast.

De formele nieuwe koppeling van de AOW-leeftijd aan de resterende levensverwachting vindt vanaf 2026 plaats. Het jaar 2025 vormt daarbij een overgangsjaar. Voor het jaar 2025 is de AOW- leeftijd op 67 jaar gesteld. Uit toepassing van de CBS-raming in de van toepassing zijnde nieuwe formule voor berekening van de AOW-leeftij vloeit voort dat de AOW-gerechtigde leeftijd voor 2026 uitkomt op - eveneens - 67 jaar.

De Wet IB 2001 kent diverse regelingen in de lijfrentesfeer die gekoppeld zijn aan de AOW-leeftijd. De vertraagde koppeling van de AOW-leeftijd aan de levensverwachting kan dan ook gevolgen hebben voor bepaalde groepen van lijfrentebezitters. Door de minder snelle stijging van de AOW-leeftijd kan de uiterste ingangsdatum voor een levenslange en tijdelijke oudedagslijfrente namelijk op een vroeger gelegen tijdstip komen te liggen. De lijfrentetermijnen zullen dan eerder moeten ingaan. Daarnaast kan de vertraagde koppeling leiden tot een eerdere vroegst mogelijke ingangsdatum voor tijdelijke oudedagslijfrenten. Bovendien kan het minder snel stijgen van de AOW-leeftijd betekenen dat (het recht op) de jaarruimte op een eerder moment komt te vervallen.

Informatie

  • VTVaktechniek
  • Fiscale Aspecten, Toekomstvoorzieningen, Estate Planning, Flexiblisering werk & pensioen, Financieel Gezond & Pensioenplanning, Vermogen, Inkomen, Pensioen, Fiscaal: Wet IB, Pensioen IB-ondernemer, Fexibilisering
  • Woensdag 23 december 2020
Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships