Alleen schenkingstraditie ten aanzien van dochters

Op 25 augustus 2020 heeft Hof Arnhem-Leeuwarden uitspraak gedaan in welke mate er sprake is van een schenkingstraditie in de situatie van een ouder die onder bewind is gesteld.

De moeder van twee dochters is onder bewind gesteld. De beide dochters zijn benoemd tot bewindvoerders. De kantonrechter heeft achteraf aan de dochters als bewindvoerders machtiging verleend voor een schenking in 2018 van € 5.363 per dochter, € 2.147 aan de levenspartner van een van hen (hierna: levenspartner) en
€ 2.147 aan ieder van de twee kleinzonen. De kantonrechter heeft hierbij aangegeven dat er door deze machtiging geen schenkingstraditie is ontstaan.

De dochters hebben de kantonrechter verzocht (achteraf) ook een machtiging te verlenen voor in 2019 gedane schenkingen van € 5.428 per dochter, € 2.173 per kleinzoon en € 2.173 aan de levenspartner. De kantonrechter heeft het verzoek echter afgewezen. 

Hof Arnhem-Leeuwarden overweegt dat er vanaf 2009 respectievelijk 2011 (behalve in 2015 en 2016) jaarlijks aan de beide dochters een schenking is gedaan van minimaal
€ 1.000. Het hof acht derhalve een schenkingstraditie aanwezig voor een schenking aan de dochters. Omdat het vermogen van de moeder de door het LOVCK&T aanbevolen grens van € 30.000 ruim overstijgt, past het om de dochters het fiscaal vrijgestelde bedrag te schenken.

Het hof oordeelt dat niet is gebleken dat sprake is van een traditie van schenkingen aan de kleinzonen en aan de levenspartner.