Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Bedragen sociale zekerheid vanaf 1 juli 2020

Elk half jaar wordt de hoogte van het wettelijk minimumloon herzien. De gewijzigde bedragen gelden jaarlijks vanaf 1 januari en 1 juli. De hoogte van sociale uitkeringen is gebaseerd op de hoogte van het wettelijk minimumloon. En de (maximum)bedragen van deze uitkeringen verandert elk half jaar. De gemaximeerde bedragen van werknemersuitkeringen worden ook elk half jaar geïndexeerd. Daarnaast zijn er enkele andere wijzigingen per 1 juli 2020, die mogelijk relevant zijn voor financiële dienstverleners. Daarnaast zijn er nog enkele andere relevante wijzigingen in de sociale zekerheid.

In dit artikel geven we de nieuwe bedragen weer van het minimumloon en overige cijfers uit de sociale zekerheid. De bedragen die er tussen haakjes achter staan, zijn de bedragen uit de periode van 1 januari 2020 tot 1 juli 2020.

Wettelijk minimumloon

Het wettelijk brutominimumloon (WML) voor werknemers is geïndexeerd met bijna 1,6% en wordt per 1 juli 2020:

€ 1.680,00 per maand (€ 1.653,80)
€ 387,70 per week (€ 381,60)
€ 77,54 per dag (€ 76,32)

Sinds 1 juli 2019 is de leeftijdsgrens voor het volledige minimumloon verlaagd naar 21 jaar (dat was 22 jaar). Bovenstaande bedragen gelden voor een fulltime dienstverband. Voor jongeren vanaf 15 jaar gelden andere, lagere, minimumloonbedragen. Die zijn berekend op basis een staffel. Die ziet er als volgt uit:

Leeftijd

Per maand

Per week

Per dag

21 jaar en ouder

€ 1.680,00

€ 387,70

€ 77,54

20 jaar

€ 1.344,00

€ 310,15

€ 62,03

19 jaar

€ 1.008,00

€ 232,60

€ 46,52

18 jaar

€ 840,00

€ 193,85

€ 38,77

17 jaar

€ 663,60

€ 153,15

€ 30,63

16 jaar

€ 579,60

€ 133,75

€ 26,75

15 jaar

€ 504,00

€ 116,30

€ 23,26

Bijstandsuitkeringen

Bijstandsuitkeringen (uitkeringen in het kader van de Participatiewet), zijn gebaseerd op 70% van het netto minimumloon (alleenstaanden) of 100% van het netto minimumloon (gehuwden of samenwonenden van 21 jaar en ouder). Wanneer meer dan twee volwassenen samenwonen op hetzelfde adres, geldt de kostendelersnorm, waardoor de bijstandsnorm per bewoner lager is.

Volksverzekeringen

Voorbeelden van volksverzekeringen zijn de Algemene Ouderdomswet (AOW) en Algemene nabestaandenwet (Anw). Alleen van deze twee noemen we de nieuwe bedragen.

De bedragen zijn exclusief vakantiegeld, inkomensondersteuning (AOW) of tegemoetkoming (Anw).

Uitkering

Situatie

Bruto maandbedrag

vanaf 1 juli 2020, exclusief vakantiegeld

(oude bedrag)

AOW

Alleenstaand

€ 1.270,67 (€ 1.255,87)

 

Samenwonend zonder partnertoeslag

€ 870,03 (€ 859,55)

ANW

Nabestaande

€ 1.261,33 (€ 1.247,88)


Een AOW-gerechtigde heeft recht op € 25,63 per maand bij aan inkomensondersteuning. Dat bedrag is al verwerkt in bovenstaand overzicht.

Een AOW-gerechtigde van vóór 1 april 2015 met een partner die de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt, krijgt een partnertoeslag van maximaal € 844,40 (inclusief inkomensondersteuning en exclusief vakantiegeld).

Ook Anw-gerechtigden hebben recht op een tegemoetkoming. Die is voor hen € 17,39 per maand. Dit bedrag is verwerkt in bovenstaand overzicht.

Werknemersverzekeringen

De belangrijkste werknemersverzekeringen zijn de Werkloosheidswet (WW) en de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA).

De hoogte van deze uitkeringen zijn in beginsel een vastgesteld percentage van het laatstverdiende loon. Dit laatstverdiende loon is echter gemaximeerd tot het ‘maximum dagloon’.  Het maximumdagloon wordt per 1 juli 2020 vastgesteld op
€ 222,79 per dag (€ 219,28), op jaarbasis € 58.147,79 (€ 57.232,08).

Een WW-uitkering is gemaximeerd op 75% (eerste twee maanden) van het maximumdagloon en daarna op 70% van dit maximumdagloon.

Een WIA-uitkering is gemaximeerd op 75% (eerste twee maanden of langdurig en volledig arbeidsongeschikten) van dit maximumdagloon of 70% van het maximumdagloon (na twee maanden en niet langdurig en volledig arbeidsongeschikt).

Hieronder staan de bruto maandbedragen:

100% maximumdagloon

(bruto per maand, inclusief vakantiegeld)

75% maximumdagloon

(bruto per maand, inclusief vakantiegeld)

70% maximumdagloon (bruto per maand, inclusief vakantiegeld)

€ 4.845,65 (€ 4.769,34)

€ 3.634,24 (€ 3.577,01)

€ 3.391,96 (€ 3.338,54)

Overige nieuws sociale wetgeving

  • In 2019 is de Wet Invoering Extra Geboorteverlof (WIEG) in werking getreden. Vanaf 1 januari 2019 krijgt de partner maximaal een werkweek betaald verlof.
    Vanaf 1 juli 2020 treedt een ander deel van de WIEG in werking. De partner kan vanaf dat moment maximaal 5 weken (5 keer het aantal werkuren per week) aanvullend geboorteverlof opnemen. Tijdens het verlof krijgt de partner geen salaris, maar een uitkering van het UWV van 70% van het (gemaximeerde) loon. Partners hebben recht op aanvullend geboorteverlof als het kind op of ná 1 juli 2020 geboren wordt. Zij moeten het aanvullend geboorteverlof opnemen binnen 6 maanden na de geboorte van het kind. En zij moeten eerst het geboorteverlof van 1 week hebben opgenomen.
    Het kan zijn dat de partner die aanvullend geboorteverlof opneemt, naast de UWV-uitkering, een aanvulling krijgt van de werkgever. Dat is afhankelijk van de cao van de werkgever.
  • Op 26 mei 2020 heeft de Eerste Kamer ingestemd met aanpassing van de Wet Arbeidsongeschiktheidsvoorziening Jonggehandicapten, de Wajong.
    De wijzigingen gaan grotendeels pas in op 1 januari 2021. Het betekent vooral dat iemand met een Wajong-uitkering die gaat werken, niet zijn hele inkomen in mindering hoeft te brengen op de Wajong-uitkering.
    De wijzigingen gaan voor een deel al in op 1 september 2020. Iemand met een Wajong-uitkering die gaat studeren vanaf die datum, behoudt zijn of haar hele uitkering.
  • Op 12 juni 2020 is er een akkoord gesloten over de uitwerking van het Pensioenakkoord van juni 2019. Het werknemerspensioen wordt daardoor meer afhankelijk van het behaalde rendement van de pensioenuitvoerder. De ‘garantie’ van pensioenaanspraken vervalt. Het woord ‘garantie’ staat tussen aanhalingstekens, omdat die garantie feitelijk geen volledige zekerheid bood. Het streven blijft dat werknemers in 40 jaar 75% van hun gemiddelde inkomen moeten kunnen opbouwen. Doordat er niet meer met een risicoloze rekenrente gerekend hoeft te worden, achten partijen het waarschijnlijker dat dit streven gehaald wordt als de nieuwe regels ingaan. Waarschijnlijk zal het nieuwe pensioenstelsel niet eerder dan 2026 ingaan. Er zijn nog diverse hobbels te nemen, zoals invulling van de compensatie voor groepen die er juist op achteruitgaan door de nieuwe regels. Vakbonden hebben op 19 juni 2020 niet unaniem voor de uitwerking gestemd en willen eerst nog nader overleg.
Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships