Belastingdienst mag voorlopige aanslag baseren op niet onherroepelijke A1verklaring

image_pdf

In deze zaak is ten aanzien van Rijnvarende X de vraag aan de orde of de Belastingdienst een voorlopige aanslag IB/PVV mag baseren op een niet onherroepelijke A1 verklaring. Volgens Hof Den Bosch is dat het geval. De betreffende op 24 juni 2014 door de SVB afgegeven A1 verklaring houdt in dat X van 1 januari 2013 tot en met 30 december 2014 was onderworpen aan de heffing van premie volksverzekeringen in Nederland. Uit deze verklaring volgt dat X geen vrijstelling toekwam over de periode 1 januari 2013 tot en met 31 december 2013. De latere uitspraak van de CRvB en beslissing op bezwaar van 20 maart 2018, waarbij de SVB de beslissing van 24 juni 2014 en de daarbij behorende A1 verklaring van 24 juni 2014 herroept, geven geen aanleiding om daar met terugwerkende kracht anders over te oordelen. Tijdens het onderzoek ter zitting heeft de Belastingdienst nader het standpunt ingenomen dat hij een op 17 december 2013 door Liechtenstein afgegeven A1 verklaring respecteert en hij mitsdien concludeert tot vrijstelling van de heffing van premie volksverzekeringen over de periode 1 oktober 2013 tot en met 31 december 2013. De door de SVB afgegeven A1 verklaring van 20 maart 2018 s in lijn met dit door de Belastingdienst nader ingenomen standpunt. In zoverre moet de voorlopige aanslag worden verminderd.

Ellen van Waaijen
Over Ellen

Mr. Ellen van Waaijen is gespecialiseerd in Loonheffingen. Adviseert werkgevers en werknemers, alsmede accountants- belastingadvies- en advocatenkantoren, bij het ontwerpen van (flexibele) arbeidsvoorwaarden, begeleidt looncontroles en voert onderhandelingen met Belastingdienst en UWV, [...]

Bekijk profiel