Beleid overschrijding bandbreedte door aflopen rentevastperiode op aan KEW gekoppelde EWS

Vandaag is het ‘Verzamelbesluit kapitaalverzekeringen’ van 6 december 2014, nr. BLKB2014/1763M, opnieuw uitgebracht. Dit besluit (15 mei 2017, nr. 2017-81019) is onder meer aangepast aan de gewijzigde wetgeving met ingang van 1 januari 2017 en met ingang van 1 april 2017 (vervallen tijdklemmen) en bevat in dat kader een aantal goedkeuringen.

Ook is in dat besluit een goedkeuring opgenomen voor situaties waarin de bandbreedte-eis die geldt voor de premie wordt overschreden als gevolg van het aflopen van een rentevastperiode van de aan een kapitaalverzekering eigen woning (KEW) gekoppelde eigenwoningschuld (EWS). De integrale tekst van dit beleid is opgenomen in paragraaf 3.1.2 van het besluit en luidt als volgt.

“Bij een KEW kan het percentage aan rendement op de spaarpolis gekoppeld zijn aan de hypotheekrente van de EWS waaraan die KEW is gekoppeld (naast de traditionele spaarhypotheek kan het ook een ander product zijn waarin het te vergoeden rendement op de KEW afhankelijk is van de eigenwoningrente). Als dit rendement als gevolg van het aflopen van een rentevastperiode wordt aangepast, dan wordt de premie voor de vermogensopbouw bijgesteld om tot hetzelfde gegarandeerde kapitaal bij leven of tot het beoogde doelkapitaal te komen.
Bij de huidige lage rentestand is het mogelijk dat de wisseling in rendement zo groot is, dat de premie de bandbreedte van 1 : 10 overschrijdt. Dit zal zich vooral voordoen als de verzekeringnemer gebruik heeft gemaakt van een hoog-laagstorting of als er een extra storting heeft plaatsgevonden. Als de premie niet of niet volledig wordt aangepast aan het gewijzigde rentepercentage, bouwt de verzekeringnemer een lager gegarandeerd kapitaal of beoogd doelkapitaal bij leven op dan oorspronkelijk overeengekomen.
Als de premie overeenkomstig de polisvoorwaarden door wijziging van het rendement wordt aangepast en daardoor niet langer voldoet aan de bandbreedte-eis, komt de KEW in dat jaar fictief tot uitkering. De vrijstelling is niet van toepassing en de kapitaalverzekering gaat vervolgens tot box 3 behoren. Het beleid inzake de toepassing van de vrijstellingen bij fictieve uitkeringen is van toepassing (par. 4.4 van het besluit 2017-81019). Voor een Brede Herwaarderingskapitaalverzekering leidt de wijziging ertoe dat de kapitaalsuitkering niet meer kan zijn vrijgesteld in box 1.
Ik acht de geschetste fiscale gevolgen ongewenst, omdat de hoogte van het rendement op het moment van het aflopen van de rentevastperiode niet door de verzekeringnemer te beïnvloeden is. Daarom keur ik op grond van artikel 63 AWR (hardheidsclausule) het volgende goed.

Goedkeuring
Ik keur onder de volgende voorwaarden goed dat de hiervoor beschreven aanpassing van de premie als gevolg van het aflopen van de rentevastperiode van de aan de KEW gekoppelde EWS tijdens de looptijd, niet tot gevolg heeft dat de KEW niet aan de wettelijke bandbreedte-eis voldoet. Het staat de verzekeringnemer vrij om te kiezen voor de voor hem optimale nieuwe rentevastperiode.
Onder het aflopen van de rentevastperiode wordt in dit kader ook verstaan het tussentijds openbreken van het contract om de eigenwoningrente aan te passen en het wijzigen van de rente als gevolg van verhuizing.

Voorwaarden
Ik stel hierbij de volgende voorwaarden:
– De wijziging van de premie is alleen een direct gevolg van de wijziging van de rente op de EWS als gevolg van het aflopen van een rentevastperiode;
– De bandbreedte voor toepassing van de goedkeuring blijft bepalend; De gewijzigde premie wordt niet de maatstaf voor een nieuwe bandbreedte;
– Het gegarandeerde kapitaal wordt niet verhoogd en de looptijd van de KEW wordt niet verlengd;
– De KEW voldoet aan de overige voorwaarden die de Wet IB 2001 aan de vrijstelling stelt. Voor een Brede Herwaarderingskapitaalverzekering geldt dat deze voldoet aan de overige voorwaarden die de Invoeringswet en de Wet IB 1964 aan de vrijstelling stellen.

Deze goedkeuring geldt ook voor Brede Herwaarderingskapitaalverzekeringen waarin de bandbreedte als gevolg van het aflopen van de hiervoor bedoelde rentevastperiode al vóór de inwerkingtreding van dit besluit is overschreden.

Voor KEW’s (dus ook voor Brede Herwaarderingskapitaalverzekeringen) waarbij de premie niet volledig is aangepast aan de wijziging van het rentepercentage op de eigenwoningschuld ter voorkoming van een overschrijding van de bandbreedte-eis, vindt mogelijk herstel plaats. Dit herstel bestaat erin dat de premie alsnog wordt aangepast aan het gewijzigde rentepercentage om daarmee het oorspronkelijk gegarandeerde kapitaal of het beoogde doelkapitaal te halen. Ook in die gevallen geldt dat het herstel fiscaal gezien niet leidt tot een overschrijding van de bandbreedte-eis.”

 

Erik van Toledo
Over Erik

Erik van Toledo is werkzaam als fiscaal-technisch medewerker bij de Belastingdienst, regio Amsterdam. Zijn specialismen zijn lijfrenteproducten, kapitaalverzekeringen en bancaire spaarvarianten, en ontslag-/loonstamrechten. Tevens participeert hij in de landelijke Kennisgroep [...]

Bekijk profiel