De lijfrentevormen uitgelegd

image_pdf

Als je een lijfrenteverzekering of lijfrenterekening (=banksparen) hebt, dan kun je op de lijfrente ingangsdatum kiezen of je de lijfrentevoorziening gaat gebruiken voor een verzekeringsuitkering of een bankuitkering. In dit artikel geef ik een overzicht van de drie soorten lijfrente die je kunt aankopen als je besluit te kiezen voor een verzekeringsuitkering.

Oudedagslijfrente

Een oudedagslijfrente is een lijfrente die toekomt aan de belastingplichtige. Dat ben je zelf dus. De uitkering duurt altijd levenslang en gaat in wanneer de je maar wilt, maar niet later dan in het jaar waarin je 70 wordt. Hoe eerder je hem laat ingaan, hoe lager de uitkering, want de uitkering is dus altijd levenslang.

Tijdelijke lijfrente

Een tijdelijke lijfrente is een lijfrente die toekomt aan de belastingplichtige. Dat ben je zelf dus. De uitkering duurt minimaal 5 jaar en gaat in ná 65 jaar, maar nooit later dan het jaar waarin je 70 wordt. De hoogte van de uitkering is maximaal € 20.602,-.

Let op!

Voor mensen die een lijfrente sparen om eerder te stoppen met werken wordt het dus lastig. Je kan een tijdelijke lijfrente pas laten ingaan als je 65 bent. Een oudedagslijfrente mag wel eerder ingaan, maar die moet levenslang worden uitgekeerd. Let hier dus op als je aan een lijfrente begint!

Nabestaandenlijfrente

De derde en laatste vorm is een nabestaandenlijfrente. Dat is een lijfrente voor de nabestaanden van de belastingplichtige of partner. In de wet wordt onder nabestaanden verstaan een natuurlijk persoon. Het kan dus iedereen zijn. De nabestaandenuitkering gaat in direct na het overlijden (of na beëindiging van een ANW-uitkering) en mag tijdelijk of levenslang zijn. Dat bepalen de nabestaanden op het moment van ingang zelf.

De minimale duur van de lijfrente is per persoon verschillend. De uitkering moet minimaal zolang lopen dat de kans dat de nabestaanden overlijden tijdens de uitkeringsduur groter is dan 1%.

Als de nabestaandenlijfrente wordt uitgekeerd aan kinderen gelden aanvullende regels. Als de uitkering eindigt voordat de kinderen 30 zijn, mag er sprake zijn van een tijdelijke uitkering. Dan is die 1% kans niet van toepassing. Als de uitkering niet eindigt voor 30 jaar, dan moet er levenslang worden uitgekeerd.

Jan van Harten
Over Jan

Jan van Harten is Master of Arts in Pensions and Life Assurance en is sinds 1995 werkzaam als pensioenspecialist. Zijn specialisatie bestaat met name uit het adviseren, ondersteunen en begeleiden van werkgevers en ondernemingsraden op fiscaal, civiel-juridisch en verzekeringstechnisch [...]

Bekijk profiel