De zorgplicht bij beleggingsverzekeringen uitgelegd

Met pensioengeld moet zorgvuldig worden omgegaan. Tot voor kort hadden veel pensioenregelingen een grote mate van beleggingsvrijheid voor de werknemers. In bepaalde situaties heeft dat grote gevolgen gehad. Werknemers zagen grote delen van hun pensioengelden in rook opgaan. Dat is voor de overheid aanleiding geweest om de beleggingsvrijheid in te perken.

Verantwoordelijkheid uitvoerder

Als sprake is van een beschikbare premieregeling, ook wel premieovereenkomst genoemd, met beleggingsvrijheid, moet de uitvoerder er voor te zorgen dat de beleggingsmix is afgestemd op de leeftijd en de looptijd tot de pensioendatum van de individuele werknemer. De uitvoerders is dus verplicht de verantwoordelijkheid voor de beleggingsmix over te nemen.

Naarmate je dichter bij de pensioendatum komt, zal het risico worden afgebouwd. Dit betekent dat voor jonge deelnemers, die nog een lange tijd te gaan hebben tot de pensioendatum, er een meer offensieve beleggingsmix kan worden gehanteerd dan voor oudere deelnemers. Dat risico zie je vaak terug in de verhouding tussen aandelen, vastgoed en obligaties. Dit betekent niet dat beleggingsverliezen zullen worden voorkomen, maar dat er passende risico's worden gelopen.

Aandachtspunten

De manier waarop de uitvoerder dit vervolgens invult in de praktijk verschilt veel tussen de een en de ander. Hieronder een aantal aandachtspunten

  • Wat is de beleggingsmix per categorie (dus hoeveel aandelen, obligaties etc.)?
  • Wanneer begint men met het afbouwen van het risico (vanaf 30 jaar, of bijvoorbeeld pas vanaf 50 jaar)?
  • In hoeveel stappen wordt het risico afgebouwd (in bijvoorbeeld 3 stappen of in veel kleine stapjes)?
  • Wordt er op vastomschreven momenten afgebouwd, of spelen de omstandigheden dan ook nog een rol?
  • Wat zijn de kosten voor een dergelijk beleggingsprofiel?

Opting-out

Werknemers mogen de verantwoordelijkheid ook zelf nemen. Als een werknemer dat wil gaan doen, dan dient de uitvoerder de werknemer verplicht te adviseren over de te hanteren beleggingsmix. Het is vervolgens aan de werknemer om te besluiten het advies al dan niet op te volgen. Daarna dient de uitvoerder jaarlijks te onderzoeken in hoeverre de beleggingen passen bij de leeftijd en de looptijd van de werknemer en indien nodig dient de uitvoerder wederom een advies te geven (dat de werknemer ook weer naast zich neer kan leggen). De vraag die u als werkgever dient te stellen is of u de werknemers deze mogelijkheid van zelf doen wilt bieden. U kunt dat ook verbieden in de pensioenregeling.