DNB-onderzoek : Stapsgewijze verhoging AOW-leeftijd

Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat leeftijd slechts een kleine rol speelt. Ouderen zijn gemiddeld wat vaker tegen latere pensionering dan jongeren, maar leeftijd verklaart maar heel weinig van de variatie in de voorkeuren van huishoudens.

Andere individuele eigenschappen spelen een grotere rol. Lager opgeleiden zijn minder vaak voorstander van een hogere AOW-leeftijd. Hetzelfde geldt voor degenen die aangeven geen grip te hebben op hun leven.

Ook zijn de voorkeuren over de jaren fors zijn verschoven. In de tien jaar voordat de AOW-leeftijd uiteindelijk verhoogd werd, nam de steun voor latere pensionering langzaam maar zeker toe.

Voor beleidsmakers zijn de resultaten van het onderzoek ook van belang. Door het verstrekken van toegankelijke informatie over de werking en de financiële uitdagingen van het pensioenstelsel kan het begrip voor de doorgevoerde en door te voeren hervormingen worden bevorderd.

Daarnaast benadrukt het onderzoek het nut om langzaam maar zeker toe te werken naar het uiteindelijke doel (verhoging AOW-leeftijd). De overheid kwam pas in 2009 voor het eerst met voorstellen om de pensioenleeftijd te verhogen, maar voerde in de jaren ervoor wel beleid om vervroegd uittreden te beperken. Dit kan geholpen hebben om huishoudens klaar te stomen voor een hogere AOW- en pensioenleeftijd.

 

Hans Swagten
Over Hans

Drs. Hans C.G. Swagten CPC is pensioeneconoom en Certified Pension Consultant (CPC). Hij heeft een ruime ervaring in pensioenadvisering en treedt regelmatig als docent op bij verschillende pensioenopleidingen. Daarnaast is hij voorzitter van de Examencommissie van de MPLA van Oysterwyck [...]

Bekijk profiel