Eindloon, de 5 grootste misverstanden

image_pdf

De afgelopen periode heb ik meerdere keren aandacht besteed aan de eindloonregeling. Een aantal reacties heeft mij bevestigd dat er nog steeds een groot aantal misverstanden bestaan over de eindloon. In dit artikel een overzicht van de 5 grootste misverstanden.

Eindloon

Eerst een korte toelichting op eindloon. Een eindloon pensioen is een pensioen dat is gebaseerd op het laatst verdiende salaris.

Ieder jaar bouw je pensioen op over dat jaar. Deze pensioenopbouw is gebaseerd op je salaris. Hoe hoger je salaris, hoe hoger je opbouw. Als je nu na afloop van een jaar een salarisverhoging krijgt, dan wordt niet alleen je toekomstig pensioenopbouw verhoogd,  maar ook de reeds opgebouwde pensioenen worden aangepast aan het actuele salaris. Op die manier is op de pensioendatum je totale pensioen een afspiegeling van het laatst verdiende salaris. De verhoging van het reeds opgebouwde pensioen wordt backservice genoemd.

Je zult begrijpen dat kort voor de pensioendatum je reeds opgebouwde pensioen aanpassen aan het laatst verdiende salaris best duur is. Je hebt veel pensioen al opgebouwd en dat moet worden verhoogd. Dat is ook nog relatief duur, want je zit kort voor de pensioendatum. Geld kan kort renderen.

Misverstand 1; eindloon lijkt leuk, maar is vaak niet echt gebaseerd op het laatst verdiende salaris.
Dit is een achterhaald punt. In het verleden werd om reden van dure backservice kort voor de pensioendatum vaak een zogenoemd gematigd of gemitigeerd eindloon gehanteerd. Dan werd vanaf een  bepaalde leeftijd, bijvoorbeeld 55 jaar, het reeds opgebouwde pensioen niet meer verhoogd. Of de laatste jaren vond er een middeling plaats van de salarissen. Dus was het geen echt eindloon en je pensioen niet meer een afspiegeling van het laatst verdiende salaris. Dit systeem is echter verboden in 2004 omdat het werd uitgelegd als verboden onderscheid op grond van leeftijd.

Misverstand 2; eindloon levert je 70% pensioen op.
Meer dan 80% van de mensen haalt de 70% niet. Die 70% is ook een soort mythe geworden. Het ambitieniveau in veel pensioenregelingen was of is 70%. Toen er nog veel eindloonregeling waren vond pensioenopbouw plaats tussen 25 en 65 jaar, dat is dus gedurende 40 jaar. Daarom werd vaak een opbouw gehanteerd van 1,75% van het laatst verdiende salaris per dienstjaar. Als je echter niet alle dienstjaren hebt, dan heb je dus geen 70%. Bij eindloon heb je ook echt te maken met pensioenbreuk. Bij een wisseling van werkgever krijg je namelijk alleen maar verhoging van opgebouwde pensioen (backservice) dat is opgebouwd bij die werkgever. Pensioen bij vorige werkgevers wordt niet aangepast.

Let overigens op, bij middelloon geldt dit ieder jaar. Daarom heb je daar geen pensioenbreuk zoals ik hier bedoel (of elk jaar, het is maar hoe je het uitlegt).

Pensioenbreuk was te voorkomen door waardeoverdracht. Alleen daarbij kan je ook dienstjaren kwijt raken. Zie ook mijn artikel over waardeoverdracht waarin ik dit uitleg.

Misverstand 3; een eindloonregeling is altijd goed.
Ook een eindloonregeling kan een slechte regeling zijn. Ik noem drie elementen die van groot belang zijn in de beoordeling van de kwaliteit van een pensioentoezegging. Allereerst het jaarlijkse opbouwpercentage. Eerder noemde ik al 1,75% per dienstjaar om bij 40 jaar op 70% uit te komen. Door een laag percentage te hanteren kom je natuurlijk nooit aan 70%. Het opbouwpercentage is dus bepalend.

Verder dient te worden gekeken naar de AOW franchise. Je bouwt pensioen op in aanvulling op de AOW. Daarom hebben we de AOW-franchise bedacht. Dat is het gedeelte van het salaris waarover je geen pensioen hoeft op te bouwen omdat je al AOW krijgt. Die AOW franchise is minimaal ongeveer € 12.500,-. Hogere franchises  leiden tot minder pensioen. Dus zelfs al heb je 70%, dan is de vraag hoe hoog de franchise is. Als die immers heel hoog is, dan heb je 70% van een klein gedeelte van je salaris. Een lege dop dus.

Dat kan, en dat is het derde belangrijke criterium, ook met salaris. Welke salarisbestanddelen tellen mee. Hoeveel keer je maandsalaris, vakantiegeld. Wat met variabele inkomsten? Die mogen niet meetellen. Verder geldt vanuit de wet dat voor de berekening van het pensioen aan het eind van je diensttijd (laatste 5 jaar) een salarisstijging voor pensioen maximaal 2% boven de loonindex mag liggen. Hoe minder salaris bestanddelen meetellen, hoe lager het uiteindelijke pensioen zal zijn als percentage van het laatstverdiende salaris.

Misverstand 4; eindloon is een dure regeling.
In mijn vorige artikel over eindloon ben ik hier uitvoerig op ingegaan. De kern van het betoog was dat een goed pensioen altijd duur is, onafhankelijk van welk systeem je kiest. Eindloon hoeft dus niet duurder te zijn dan een middelloon of beschikbare premie regeling.

Misverstand 5; eindloon is onbeheersbaar.
In het zelfde artikel als ik heb geschreven over een dure regeling ben ik ook ingegaan op het onbeheersbaar zijn van de eindloonregeling. Ik denk dat onbeheersbaarheid te maken heeft met een gebrek aan kennis en inzicht. Alleen ben ik ook van mening dat die argumenten anno 2010 geen rol meer kunnen en mogen spelen. Met de huidige digitale techniek en kwaliteit van adviseurs en uitvoerders moet het mogelijk zijn om ook een eindloonregeling goed te beheersen.

Jan van Harten
Over Jan

Jan van Harten is Master of Arts in Pensions and Life Assurance en is sinds 1995 werkzaam als pensioenspecialist. Zijn specialisatie bestaat met name uit het adviseren, ondersteunen en begeleiden van werkgevers en ondernemingsraden op fiscaal, civiel-juridisch en verzekeringstechnisch [...]

Bekijk profiel