FNV stelt ultimatum Pensioenakkoord

Vicevoorzitter van de FNV, Tuur Elzinga, heeft in de Telegraaf van 13 mei 2019 aangegeven dat het Kabinet nog tot 1 juli 2019 (7 weken) de tijd heeft de AOW-leeftijd voorlopig op 66 jaar en 4 maanden te bevriezen.

Dat is een harde eis om tot een pensioenakkoord te komen. „Het moet voor de zomer, voor 1 juli moet het rond zijn”. Hiermee is een eerdere eis van bevriezing van de AOW-leeftijd op 66 jaar enigszins opgerekt.

 

Voor de FNV is het verder ondenkbaar om de afspraken over een nieuw pensioenstelsel los te zien van de eisen voor de AOW-leeftijd en de zware beroepen.

 

Naast de tijdelijke bevriezing van de AOW-leeftijd wil de FNV voor de langere termijn een andere koppeling tussen de levensverwachting en de pensioenleeftijd. Nu is het zo dat als de levensverwachting met 1 jaar stijgt ook de pensioenleeftijd met 1 jaar stijgt.

 

Dat volgt rechtstreeks uit de formule: V = (L – 18,26) – (P – 65) van artikel 18a van de wet op de loonbelasting.

In artikel 7a AOW is dezelfde formule voor de AOW-leeftijd opgenomen, met dien verstande dat als de levensverwachting met 3 maanden stijgt ook de AOW-leeftijd met 3 maanden stijgt. Dit impliceert dus dat een toename van de levensverwachting met 1 jaar betekent dat 1 jaar langer moet worden doorgewerkt.

 

In politiek Den Haag zijn er weliswaar ideeën om de toename van de levensverwachting gelijk te verdelen over werk en pensioen. Hierdoor zou de AOW-leeftijd voor de helft minder hard stijgen. Volgens het Kabinet is hiermee structureel bijna € 7 miljard gemoeid, waarvoor tot nu toe nog geen ruimte is gevonden. 

 

Hans Swagten
Over Hans

Drs. Hans C.G. Swagten CPC is pensioeneconoom en Certified Pension Consultant (CPC). Hij heeft een ruime ervaring in pensioenadvisering en treedt regelmatig als docent op bij verschillende pensioenopleidingen. Daarnaast is hij voorzitter van de Examencommissie van de MPLA van Oysterwyck [...]

Bekijk profiel