Genietingsmoment is tijdstip van uitbetalen

image_pdf

Het genietingsmoment van een nabetaalde Wajong uitkering ligt op het moment van uitbetalen, ook als een deel ervan betrekking heeft op eerdere belastingjaren. Nadelige gevolgen van dit genietingsmoment (hogere belasting verschuldigd en terugbetaling zorgtoeslag) kan de belastingrechter niet oplossen, aldus Rechtbank Gelderland. Het gaat om schade die het gevolg is van de onjuiste beslissing van het UWV om de uitkering stop te zetten. Het ligt daarom voor de hand dat het UWV deze schade aan X vergoedt. 

UWV heeft op 30 juli 2011 besloten de Wajong uitkering van X te stoppen en deels terug te vorderen. X is tegen deze beslissing in bezwaar en beroep gekomen. UWV heeft op 12 maart 2015 een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen en is alsnog de Wajong uitkering vanaf 30 juli 2011 overgemaakt. X heeft op 6 februari 2017 haar aangifte IB/PVV 2015 ingediend naar een verzamelinkomen van € 27.552. Het inkomen bestond uitsluitend uit een Wajong uitkering van € 27.552, waarvan een bedrag van € 13.222 bestond uit nabetalingen voor 2011 en 2012. Op 17 maart 2017 is een voorlopige aanslag opgelegd conform de ingediende aangifte. De voorlopige aanslag bedroeg terug te betalen € 4.323, vermeerderd met € 143 belastingrente. Op 11 mei 2017 is de aanslag IB/PVV 2015 opgelegd. Op 1 juni 2017 heeft X een herziene aangifte ingediend. Het verzamelinkomen daarin bedroeg € 14.329. Dit betrof de Wajong uitkering die op 2015 ziet. De vraag is of de nabetaling van € 13.222 die in 2015 is ontvangen, maar die betrekking heeft op de jaren 2011 en 2012, in de aanslag IB/PVV 2015 moet worden opgenomen. X stelt dat de verrekeningen en nabetalingen die hebben plaatsgevonden, tot zijn inkomen moeten worden gerekend in het jaar waarop zij betrekking hadden (2011 en 2012). Z is van mening dat hij anders wordt gestraft voor fouten die een andere overheidsinstantie heeft gemaakt. Door het bedrag van de uitkering mee te nemen in de aanslag IB/PVV 2015 leidt dit tot een te betalen belasting van € 4.466 en moet ook de zorgtoeslag van € 942 worden terugbetaald. De Belastingdienst heeft gesteld dat op grond van de wet moet worden uitgegaan van het jaar waarin het inkomen is toegekend, dus 2015 art. 3.146 Wet IB 2001).  De Rechtbank is van oordeel dat het op grond van artikel 3.146 van de Wet IB 2001 niet mogelijk is om delen van betalingen van de Wajong uitkering uit het inkomen van 2015 te halen en alsnog toe te rekenen aan de jaren waarin de uitkering zou zijn uitbetaald als het UWV geen onjuiste beslissing zou hebben genomen. Het standpunt van de Belastingdienst is dus juist. De Rechtbank ziet geen mogelijkheden om de X tegemoet te komen.

Het zou voor de hand liggen dat het UWV de schade vergoedt die X nu blijkt te lijden als gevolg van de onjuiste beslissing om de Wajong uitkering stop te zetten. De belastingrechter kan hierover echter geen beslissing nemen. Dat oordeel is voorbehouden aan de civiele rechter of aan de bestuursrechter indien sprake zou zijn van een zelfstandig schadebesluit.

Ellen van Waaijen
Over Ellen

Mr. Ellen van Waaijen is gespecialiseerd in Loonheffingen. Adviseert werkgevers en werknemers, alsmede accountants- belastingadvies- en advocatenkantoren, bij het ontwerpen van (flexibele) arbeidsvoorwaarden, begeleidt looncontroles en voert onderhandelingen met Belastingdienst en UWV, [...]

Bekijk profiel