Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Hypotheekadviseur medeaansprakelijk voor niet-gedekte schade woning

Als hypotheekadviseur moet u niet alleen een passend advies kunnen geven over het hypothecaire krediet zelf, maar ook over aanpalende producten, zoals woonlastenverzekeringen en schadeverzekeringen met betrekking tot de woning. Ook met betrekking tot advies en bemiddeling van een schadeverzekering is er een zorgplicht. Het niet goed controleren van door klant ingevulde aanvraagformulieren kan duur uitvallen.

Een hypotheekadviseur adviseert en bemiddelt in een hypothecair krediet ten behoeve van een ‘kluswoning’: een woning die in slechte staat van onderhoud verkeert. De koper gaat de woning zelf opknappen. De adviseur (tussenpersoon) bemiddelt daarnaast in een inboedel- en woonhuisverzekering. Hij regelt de aanvraagformulieren voor deze verzekeringen en zorgt voor de aanvraag bij een verzekeraar.

De klant koopt een keuken en slaat deze op in de schuur. Op een dag blijkt de keuken uit de schuur te zijn gestolen, waarbij het slot op de schuurdeur is geforceerd. De klant claimt de schade op zijn woonhuis- en inboedelverzekering (gezamenlijk afgesloten in een Woonpakketverzekering bij dezelfde verzekeraar).

De verzekeraar wijst de schade af. De verzekeraar geeft als reden aan dat op de verzekerde woning twee risicoverzwarende factoren van toepassing waren op het moment van de schade. Allereerst is de woning in slechte staat van onderhoud en ten tweede is de woning niet dag en nacht bewoond.

Op het aanvraagformulier had de klant ingevuld dat de staat van onderhoud “voldoende” was. Op de vraag of de woning dag en nacht bewoond is, heeft hij “ja” geantwoord.

De klant stelt de tussenpersoon aansprakelijk. Deze wist immers dat de woning in slechte staat was. De koopakte en het taxatierapport waren daarover duidelijk. Uit de aanvraag van het hypothecair krediet blijkt dat de adviseur in zijn hypotheekadvies rekening houdt met het feit dat de woning wordt opgeknapt door de klant zelf.

De klant stapt naar het Kifid en de Geschillencommissie geeft de klant deels gelijk. De tussenpersoon moet de helft van de geleden schade vergoeden. De adviseur heeft zijn zorgplicht onvoldoende uitgeoefend, door niet te controleren of de aanvraagformulieren juist waren ingevuld. De andere helft van de schade blijft voor eigen rekening van de klant, want deze had ook zelf moeten inzien dat hij het aanvraagformulier verkeerd invulde. 

Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships