Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Kifid 2019-808: Schending zorgplicht uitfasering pensioen in eigen beheer

Een directeur-grootaandeelhouder (DGA) bouwde sinds 1991 zijn pensioen gedeeltelijk in eigen beheer en gedeeltelijk bij een verzekeringsmaatschappij op. In verband met de invoering van de Pensioenwet is voor het elders verzekerde deel van het pensioen (C-polis) m.i.v. 1 januari 2008 geopteerd voor het buiten toepassing laten van de Pensioenwet (PW), zodat geen sprake is van een werknemerspensioen. Hierdoor kon het pensioen eventueel later naar het eigenbeheerlichaam worden overgedragen.

Op 29 september 2016 ontvangt de DGA bericht van zijn adviseur dat in verband met de naderende einddatum van de pensioenverzekering bepaalde keuzes gemaakt moeten worden. Er worden 2 modules aangeboden:

 

  • Een quick scan pensioenaankoop
  • Een uitgebreide pensioenplanning met aankoopbegeleiding

 

In oktober 2016 informeert de verzekeraar zowel de DGA als zijn adviseur over de ingang van het pensioen per 1 februari 2017. Na overleg heeft de DGA de adviseur verzocht de pensioeningangsdatum uit te stellen tot 1 november 2017. De adviseur heeft echter verzuimd de verzekeraar daarvan in kennis te stellen. De DGA heeft tot drie keer toe (13 maart, 22 mei en 10 juli 2017) gerappelleerd.

 

Op 1 april 2017 is de Wet uitfasering pensioen in eigen beheer in werking is getreden. Op grond van deze wet had de DGA het verzekerde pensioenkapitaal kunnen overdragen naar eigen beheer. Een verzoek daartoe moest vóór 1 juli 2017 bij de verzekeraar zijn ingediend. Hierover wordt de DGA niet geïnformeerd.

 

De DGA heeft zijn adviseur op 13 juli 2017 in kennis gesteld van het feit dat hij geen gebruik meer wil maken van zijn diensten en de verzekeraar verzocht om de einddatum van de pensioenverzekering uit te stellen tot 1 november 2017.

 

Op 30 januari 2018 heeft de DGA een klacht ingediend bij de adviseur. Daarin stelt hij dat als hij tijdig geïnformeerd zou zijn over het vervallen van de mogelijkheid het pensioen naar eigen beheer over te dragen per 1 juli 2017, hij het kapitaal niet zou hebben gebruikt om daarvoor een garantiepensioen aan te kopen bij een verzekeraar. Hij zou het pensioenkapitaal in eigen beheer hebben ondergebracht en daarmee een studentenwoning hebben gefinancierd. Met de daaruit voorvloeiende huuropbrengsten zou een hoger pensioen gerealiseerd kunnen worden. Bovendien

zou bij overlijden van de DGA en zijn echtgenote de waarde van de woning/het resterende kapitaal, berekend op € 85.862, in de vennootschap zijn gebleven. De adviseur wijst de klachten af.

 

Daarop vordert de DGA een bedrag van € 127.997, bestaande uit € 85.862 aan kapitaalverlies, € 16.536 verlies aan pensioenuitkering, vermeerderd met 20% vennootschapsbelasting en wettelijke rente.

 

Volgens de DGA zou de adviseur toerekenbaar tekortgeschoten in de nakoming van zijn zorgplicht. In het bijzonder dat de adviseur de DGA actief moeten informeren over het feit dat de mogelijkheid van overdracht van het extern verzekerd pensioen naar pensioen in eigen beheer per 30 juni 2017 zou eindigen.

 

De Geschillencommissie stelt vast dat voor zover de vordering bestaat uit € 16.536 ter zake van verlies aan toekomstige pensioenuitkering de commissie hierover een uitspaak mag doen. Over de vordering van € 85.862 te vermeerderen met 20% vennootschapsbelasting is dat niet het geval.  Dit bedrag komt niet toe aan de DGA, maar aan het eigenbeheerlichaam, zodat de Geschillencommissie daarover geen uitspraak kan doen.

 

De Geschillencommissie oordeelt dat nu de adviseur de DGA niet heeft geïnformeerd over de deadline van 30 juni 2017, de adviseur toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming zijn zorgplicht en de door de DGA geleden en nog te lijden schade moet vergoeden.

 

De commissie stelt die schade naar billijkheid vast op de helft van het door de DGA berekende bedrag (€ 16.536). Dit betekent dat de adviseur aan de DGA een bedrag moet betalen van € 8.268 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf ingangsdatum van het pensioen (1 december 2017). De vordering van € 85.862 kan niet door de Geschillencommissie worden behandeld.

Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships