Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Kifid wijst rechtsbijstandsverzekeraar terecht

Een belangrijke uitspraak van de Geschillencommissie waarbij zij duidelijk maakt hoe het belang van de consument uitgelegd moet worden. De rechtsbijstandsverzekeraar die zich te gemakkelijk achter de verzekeringsvoorwaarden verschuilt, moet 50% van de, nog te berekenen, schade vergoeden.

De Casus

Twee directeuren hebben elk hun bedrijfsauto gekocht van het bedrijf waar zij werkten. Een jaar later ging dit bedrijf failliet. Na het faillissement haalde de curator de auto’s op. De curator vindt dat de directeuren het faillissement hebben benadeeld door de verkoop van de auto’s (aan henzelf). De rechtsbijstandsverzekeraar van de directeuren weigert dekking op de volgende gronden: 

-          geen dekking voor geschillen over de aankoop van tweedehands auto’s

-          geen verweer tegen een onrechtmatige daad

-          opzettelijk handelen

De directeuren (verzekerden) vorderen o.a.: 

-          vergoeding van de schade door de actie van de curator

-          vergoeding van de kosten bij de Ombudsman Financiële Dienstverlening

-          vergoeding van de kosten bij de Geschillencommissie

Het oordeel van de Geschillencommissie

De afwijzing op basis van de aankoop van een tweedehands auto anders dan bij een dealer is niet terecht. Het geschil gaat erover of de handeling paulianeus is, dat wil zeggen in het nadeel is van het faillissement. Dat de feitelijke transactie de aankoop van een tweedehands auto betreft doet daar niet af.

De afwijzing op basis van verweer tegen een onrechtmatige daad, artikel 6:162 BW, gaat ook niet op. De curator baseert zijn vordering op artikel 42 van de Faillissementswet. Volgens de rechtsbijstandsverzekering is dat een onrechtmatige daad. De Geschillencommissie is van oordeel dat de verzekeraar dat dan uitdrukkelijk in zijn voorwaarden moet zetten. De commissie verwijst naar een soortgelijke bepaling over een ander wetsartikel, dat wel uitdrukkelijk in de verzekeringsvoorwaarden is opgenomen.

Deze onderbouwing is bijzonder interessant. Het betekent, dat als je zaken specifiek in de voorwaarden regelt, het gevolgen kan hebben voor onderwerpen die niet expliciet worden geregeld.

Tenslotte de afwijzing op basis van opzettelijk handelen: ook hier is de commissie duidelijk. De verzekeraar stelt dat het geschil het resultaat is van opzettelijk handelen. Dan dient de verzekeraar ook bewijs te leveren. Nu de verzekeraar dit niet kan, is ook deze afwijzing ten onrechte.

De gevolgen

Omdat de behandeling van de claim ten onrechte is geweigerd, bekijkt de commissie de verschillende vorderingen van de verzekerden.

De auto’s

De betaalde koopprijs kan niet meer worden teruggevorderd. Deze vordering is waardeloos, omdat het faillissement geen baten heeft. De commissie schat de kans op succes bij de behandeling van de vordering door de rechtsbijstandsverzekeraar op 50%. De verzekeraar moet 50% van de kosten betalen.

De kosten van de Ombudsman

De polisvoorwaarden voorzien alleen in vergoeding van kosten als er wordt geprocedeerd. Dat betekent dat een verzekerde gedwongen wordt naar de rechter te gaan in plaats van naar het Kifid. De commissie vindt dat onredelijk bezwarend. De aantoonbare kosten moeten worden vergoed. In dit geval konden de kosten niet aangetoond worden.

De kosten van de Geschillencommissie

De gevorderde kosten zijn onvoldoende onderbouwd, maar de commissie wijst een kostenvergoeding op grond van het puntensysteem uit het reglement van het Kifid toe.

Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships