Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Kifid 2019-411: Onderzoeksplicht consument bij wijziging gemengde verzekering

De partner van consument heeft in 1993 via een adviseur een gemengde verzekering gesloten die gekoppeld is aan de hypotheek, met een verzekerd kapitaal van fl. 140.000. In 1995 zijn partijen uit elkaar gegaan en heeft de partner van consument de verzekering voortgezet.

 

In 1997 heeft de partner van de consument zijn toenmalige woning verkocht en is hij bij de consument ingetrokken. De hypothecaire lening – waaraan de levensverzekering gekoppeld was – is op dat moment volledig afgelost. De verzekering is echter niet beëindigd.

In 1999 is de verzekering is de verzekering aangepast. De verzekeraar heeft de adviseur een gewijzigd polisblad toegezonden, waarin een verzekerd kapitaal bij leven van € 21.188 en een verzekerd kapitaal bij eerder overlijden van € 63.529 is opgenomen. In juli 1999 hebben de consument en haar partner via de Adviseur een hypotheekofferte opgevraagd bij de bank. In deze offerte, die de bank op 20 juli 1999 heeft verstrekt, wordt uitgegaan van een levensverzekering met een verzekerd kapitaal van fl. 140.000,- (€ 63.529,-).

 

Op 15 augustus 2012 heeft de verzekeraar de consument en haar partner een gewijzigd polisblad toegezonden waarop de consument als medeverzekeringnemer wordt aangemerkt en waarbij een verzekerd kapitaal bij leven van € 21.188 en een verzekerd kapitaal bij eerder overlijden van

€ 63.529 staat vermeld.

 

Op 1 maart 2017 heeft de Adviseur zich – op verzoek van de consument en haar partner – tot de verzekeraar gewend.

Op 31 maart 2017 heeft de verzekeraar de adviseur bericht dat het verzekerd kapitaal correct is en niet zal worden gewijzigd.

Daarop vordert de consument dat de Adviseur het verschil tussen het initieel verzekerde kapitaal van € 63.529 en het thans verzekerde kapitaal bij leven van € 21.188 aan haar en haar partner vergoedt.

 

De Geschillencommissie oordeelt dat de consument aan de hand van het ontvangen polisblad van 15 augustus 2012 redelijkerwijs had moeten ontdekken dat de verzekering was gewijzigd. Aangezien de consument zich pas na meer dan vijf jaar tot de adviseur heeft gewend met de vordering tot vergoeding van het verschil, is geen beroep op het gestelde gebrek in de prestatie van de adviseur meer mogelijk. Het beroep op artikel 6:89 BW slaagt.

Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships