Pensioen bij fusies en overnames – deel 2

image_pdf

Bij de overname van een onderneming of de aandelen van een onderneming speelt pensioen een grote rol. Toch krijgt dit onderwerp in de praktijk te weinig aandacht. Vandaar dat ik in een drietal artikelen zal ingaan op de diverse pensioenonderwerpen die bij een overname de nodige aandacht verdienen. Dit is het tweede artikel in de serie. Het eerste deel van deze serie is hier te lezen.

Pensioenrisico bij overname onderneming

Bij de overname van de onderneming (activa/passiva) spelen de artikelen 7.663 en 7.664 uit het Burgerlijk wetboek (BW) een rol evenals artikel 9 uit de Pensioenwet (PW). Artikel BW 7.663 bepaald dat bij de overname de verkrijger van rechtswege de verplichtingen die voortvloeien uit de arbeidsovereenkomst van de werknemers overneemt. Omdat pensioen onderdeel is van de arbeidsvoorwaarden gaat deze bepaling dus ook op voor de lopende pensioenregeling. Wel is de oude werkgever nog een jaar hoofdelijk verbonden voor het nakomen van de verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst.

Omdat de verkrijger dus van rechtswege de lopende pensioenregeling overneemt, en hiervoor direct aansprakelijk is, is het voor hem van belang om te weten of de lopende pensioenregeling wel aan alle wettelijke eisen voldoet, of alle premies is het verleden zijn voldaan (oude werkgever is nog slechts een jaar verbonden), of alle werknemers wel zijn aangemeld als deelnemer en wat de toekomstige financiële verplichtingen kunnen zijn van een onderwerp als waardeoverdracht.

Indien de verkrijger met zijn werknemers een pensioenovereenkomst heeft gesloten en hij doet hetzelfde aanbod aan de werknemers die zijn overgenomen dan is artikel BW 7.663 niet van toepassing. Een en ander op grond van artikel BW 7.664.

Doordat de overgenomen werknemers nu gaan deelnemen in de lopende pensioenregeling van de werkgever zal bezien moeten worden wat hiervan het gevolg is? Telt de verstreken diensttijd mee voor het bepalen van het nabestaandenpensioen? Wat zijn de financiële gevolgen van een individuele waardeoverdracht vanuit de pensioenregeling van de verkopende partij of naar de pensioenregeling van de verkrijger? Is er behoefte aan collectieve waardeoverdracht en wat zijn hiervan de gevolgen? Maar zeer zeker ook vragen of alle verplichtingen in de oude pensioenregeling wel zijn voldaan en wat het effect is van het premievrij maken van de oude pensioenregeling (exit voorwaarden)?

Indien de verkrijger onder de werkingssfeer van een BPF valt dan zullen de overgenomen werknemers ook aangemeld dienen te worden. Het is natuurlijk ook mogelijk dat de werkgever juist door de overname onder de werkingssfeer komt te vallen en de overname dus niet alleen voor de overgenomen werknemers gevolgen heeft maar ook voor de eigen werknemers. En mogelijk dus ook voor de werkgever indien de premie van het BPF hoger ligt dan de premie in zijn eigen pensioenregeling.

Indien op het moment dat de werkgever onder de werkingssfeer van een BPF komt er al gedurende minimaal 6 maanden een eigen pensioenregeling was, heeft de werkgever recht op vrijstelling van de verplichte deelname aan de regeling van het BPF. De lopende pensioenregeling dient dan wel actuarieel gezien gelijkwaardig te zijn dan wel te worden gemaakt. Ook dit kan aardige financiële gevolgen met zich meebrengen.

Jan van Harten
Over Jan

Jan van Harten is Master of Arts in Pensions and Life Assurance en is sinds 1995 werkzaam als pensioenspecialist. Zijn specialisatie bestaat met name uit het adviseren, ondersteunen en begeleiden van werkgevers en ondernemingsraden op fiscaal, civiel-juridisch en verzekeringstechnisch [...]

Bekijk profiel