Redelijk handelende arbeidsongeschiktheidsverzekeraar

Gerechtshof Den Haag oordeelt of het acceptatiebeleid bij een arbeidsongeschiktheidsverzekering conform een redelijk handelend verzekeraar is of niet.

De Hoge Raad heeft in deze zaak eerder geoordeeld in het verleden dat een beroep op verzwijging alleen slaagt als een redelijk handelend verzekeraar de overeenkomst niet had gesloten als ze wel op de hoogte was geweest van de verzwegen feiten. Er kan dan groot gewicht toekomen aan het acceptatiebeleid van andere verzekeraars, maar het beleid kan ook ‘standalone’ beoordeeld worden. In een uitspraak van Gerechtshof Den Haag wordt deze maatstaf nu concreet toegepast voor een verzekerde die onderdelen van zijn medische geschiedenis verzweeg en verzekeraar daarom stelt niet tot verzekering te zijn overgegaan als ze dat hadden geweten.

Er wordt een batterij aan adviezen van medische adviezen in de zaak betrokken. Het gaat er dan vooral om of de hele verzekering was afgewezen of dat er slechts clausuleringen zouden zijn gekomen gelet op de hele medische toestand van de klant en de klachtenfrequentie die de elektromonteur in deze casus heeft. Ook speelt dan een rol bijvoorbeeld of met meer dan drie clausuleringen helemaal geen verzekering tot stand komt ondanks dat alle bestaande gebreken in theorie te clausuleren zouden zijn.

Het gerechtshof geeft alles afwegend en kijkend naar de teneur in de medische adviezen de verzekeraar gelijk. Er is voldoende onderbouwd dat de verzekerde als de gehele voorgeschiedenis kenbaar was geweest er helemaal geen verzekering tot stand was gekomen. Dat een andere verzekeraar dat mogelijk wel gedaan had, maakt dit niet anders.

De uitspraak biedt zo een mooie inkijk in het acceptatie- en medisch adviestraject bij een arbeidsongeschiktheidsverzekeraar en hoe medisch adviseurs tot hun oordeel komen.