Schuldig gebleven huur is een informele kapitaalstorting

Hof Arnhem-Leeuwarden heeft op 10 december 2019 uitspraak gedaan of een door een kleindochtervennootschap schuldig gebleven huur een informele kapitaalstorting is.

Belanghebbende is een bv die alle aandelen L BV bezit. L BV bezit alle aandelen M BV. Belanghebbende heeft machines en overige zaken verhuurd aan M BV. Belanghebbende heeft in de jaren 2008 en 2009 geen huurbaten tot haar winst gerekend, noch enige activering en/of passivering inzake dit op haar balans opgenomen.

 

De inspecteur heeft de huurbaten tot de belastbare winst gerekend. Belanghebbende stelt dat zij - gelet op de slechte solvabiliteit van M BV - tegenover de vordering in verband met de schuldig gebleven huur direct een voorziening wegens oninbaarheid mocht vormen.

 

Hof Arnhem-Leeuwarden stelt vast dat M BV de verschuldigde huur in rekening-courant is schuldig gebleven. Of hier fiscaal sprake is van een geldlening dan wel van een kapitaalverstrekking wordt in beginsel bepaald door de civielrechtelijke vorm. Een uitzondering op deze regel is wanneer het de uitlener al aanstonds duidelijk moet zijn geweest dat het door hem ter leen verstrekte bedrag niet of niet ten volle zal kunnen worden terugbetaald. Volgens het hof is hiervan sprake.

 

Er dus sprake van een (middellijke) informele kapitaalstorting door belanghebbende in M BV, voorafgegaan door een onttrekking aan de winst door belanghebbende. De inspecteur heeft dan ook de winst terecht gecorrigeerd.