Terechte navordering uitkeringen uit arbeidsongeschiktheidsverzekering

Rechtbank Gelderland oordeelt dat een arbeidsongeschiktheidsverzekering terecht uitkeringen terugvordert, omdat de mededelingsplicht is geschonden.

Een paardentrainer heeft een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Hij dient een claim in vanwege hevige pijn aan de knie. Er vindt medisch onderzoek plaats en er zijn aanhechtingen van spieren ontstoken door overbelasting. Daarvoor vindt behandeling plaats. De klachten lijken echter aan te houden.

Enkele maanden later sluit de paardentrainer een aansprakelijkheidsverzekering af voor schade aan paarden van derden. Ook op deze verzekering dient hij een claim in, waarbij ernaar achteraf blijkt, vervalste facturen en overlijdensbewijzen worden overlegd. Er zou een paard een been hebben gebroken bij het trainen.

In de maanden daarna ontstaat er twijfel over de knieklachten en overige klachten. Op enig moment verhoort de politie voormalig medewerkers van de paardentrainer die aangeven dat de paardentrainer bijna dagelijks gewoon volledig al het zware werk deed.

Verzekeraar zegt de verzekering op. De paardentrainer wordt strafrechtelijk vervolgd voor oplichting van de aansprakelijkheidsverzekeraar en de arbeidsongschiktheids-verzekeraar. Er blijkt bijvoorbeeld ook uit de financiële stukken van het bedrijf dat er geen vervanger is ingeschakeld terwijl de omzet gelijk is gebleven. Ook zijn er berichten waarin er paardentrainwedstrijden zijn gewonnen.

De rechtbank vindt dat de mededelingsplicht is geschonden die er was om de waarheid te spreken bij de schademelding en in antwoord op de vragen door verzekeraar. De paardentrainer had zich moeten realiseren dat antwoorden naar waarheid van belang waren voor verzekeraar en zo nodig het weer aan het werk zijn gegaan spontaan gemeld had moeten worden.

De rechtbank vindt daarom het recht op de uitkeringen vervallen. Verzekeraar is in zijn redelijk belang geschaad. De uitkeringen mogen op grond van onverschuldigde betaling teruggevorderd worden.