Toeslagpartners tegen wil en dank

De staatsecretaris van Financiën reageert op het rapport ‘Toeslagpartners tegen wil en dank ‘ van de Landelijke Organisatie Sociaal Raadslieden.

Medio april 2019 heeft de Landelijke Organisatie Sociaal Raadslieden een rapport uitgebracht over de situatie waarin volgens hun het verlies van toeslagen als gevolg van het kwalificeren als partner niet te rechtvaardigen is. Het zou leiden tot grote financiële problemen.

Het gaat volgens dat rapport om:

  1. Ongehuwden die samenleven met een niet-gemeenschappelijk minderjarig kind. Het ingeschreven staan van een minderjarig kind op hetzelfde adres in het BRP is voldoende om te stellen dat sprake is van toeslagpartnerschap. Deze uitbreiding van het partnerbegrip is bedacht om te voorkomen dat ongehuwd samenwonenden met (een) kind(eren) uit een eerdere relatie in samengestelde gezinnen, dubbele fiscale voordelen zouden krijgen. Er valt echter een grotere groep onder. Maar onder de nieuwe definitie blijkt uiteindelijk een veel grotere groep te vallen dan bedoeld.
    Alleenstaande ouders die door andere omstandigheden dan het bewust stichten van een nieuw gezin met andere volwassenen zijn gaan wonen, worden financieel hard getroffen. Het betreft meestal alleenstaanden die uit een scheiding of huiselijk-geweld-situatie komen. Zij vinden opvang op eigen kracht en/of in hun eigen netwerk, maar ze verliezen vervolgens de toeslagen die zij ontvangen voor hun kinderen en een deel van hun zorgtoeslag. Daarmee raken ze een groot deel van hun noodzakelijke inkomen kwijt. Aangezien bij de andere meerderjarige inwoner(s) geen sprake is van een onderhoudsplicht, kunnen deze alleenstaande ouders het verliezen van toeslagen nergens aanvechten c.q. compenseren
  2. Tegelijkertijd leidt het strengere toeslagpartnerbegrip tot problemen bij mensen die getrouwd zijn maar die (noodgedwongen) niet (kunnen) samenwonen. Het gehuwd zijn betekent dat er sprake is van toeslagpartnerschap met alle gevolgen van dien. Mensen komen in de problemen doordat ze nog gekoppeld zijn aan een partner, terwijl deze geen (financiële) bijdrage meer levert aan het gezin

De staatssecretaris maakt nu bekend voldoende aanleiding te zien voor een onderzoek of aanpassing van het partnerbegrip wenselijk en uitvoerbaar is. Een zorgvuldig onderzoek is altijd goed natuurlijk. Aan de ene kant moet voorkomen worden dat hele gezinnen van toeslagen aan elkaar hangen aan de ene kant en veel meer overhouden dan diegenen die er net niet voor in aanmerking komen, aan de andere kant moeten schrijnende situaties voorkomen worden. Het is dan ook te hopen dat beide aspecten in het onderzoek worden meegenomen. Toeslagen spelen immers een (soms te) belangrijke rol binnen de financiën van veel relaties.