Vervangende instemming van de OR, revisited





De Wet op de Ondernemingsraden (WOR) schrijft in artikel 27 lid 1 sub a sinds 1 oktober 2016 voor, dat de werkgever bij een voorgenomen besluit inzake de regelingen op grond van een pensioenovereenkomst instemming van de OR dient te verkrijgen.

In artikel 27 lid 7 WOR is daarnaast vastgelegd dat regelingen over de wijze waarop de premie wordt vastgesteld en de keuze voor de onderbrenging bij een bepaalde pensioenuitvoerder in ieder geval onder het bereik van het instemmingsrecht vallen. Artikel 27 lid 3 WOR maakt hierop echter een uitzondering, voor zover de betrokken aangelegenheid reeds inhoudelijk is geregeld.
 
Cao

Een inhoudelijke regeling kan bijvoorbeeld al zijn opgenomen in de cao. Daarin kan overeengekomen zijn, zoals in de onlangs door de rechter besliste zaak tussen KLM en haar vliegers, dat het huidige ondernemingspensioenfonds de pensioenuitvoerder is. Dan is voldaan het vereiste van artikel 27 lid 3 WOR en is geen instemming van de OR vereist.

KLM wenste voor haar vliegers een nieuwe uitvoeringsovereenkomst te sluiten. Voor deze vliegers geldt echter ook een met de vakbond afgesloten cao waarin het bovenstaande is opgenomen.

Bijstorting

De huidige pensioenregeling van de vliegers zou er voor KLM toe gaan leiden, dat er een bijstorting in het bestaande pensioenfonds zou moeten gaan plaatsvinden om nog aan de indexeringsverplichtingen te kunnen voldoen. KLM vond de kosten voor de bijstorting, circa €600 miljoen écht te hoog en voelde zich daarom gedwongen om de uitvoeringsovereenkomst met het bestaande pensioenfonds op te zeggen en een nieuwe uitvoeringsovereenkomst te sluiten met een nieuw opgericht of nog op te richten ondernemingspensioenfonds.

KLM had daarover en over de bijstorting al onderhandeld met de vakbonden, maar dat overleg was in een impasse geraakt en leek niet tot de door KLM gewenste oplossing te leiden. KLM dacht met het opzeggen van de uitvoeringsovereenkomst en het opnieuw aangaan van een gewijzigde uitvoeringsovereenkomst via instemming van de OR buiten de vakbond om het door haar nagestreefde resultaat te bereiken.

Advertentie

Koude kermis

Helaas voor KLM zette de OR de voet dwars en weigerde instemming. Daarop stapte KLM naar de rechter om op grond van de WOR aan de rechter vervangende instemming te vragen als de OR instemming weigert. KLM kwam echter bij de rechter van een koude kermis thuis. Het verzoek werd om vervangende instemming werd afgewezen.

De rechter oordeelde dat op de punten waarvoor KLM vervangende toestemming verzoekt, de wijziging van pensioenuitvoerder en de premievaststelling, de OR in beginsel instemmingsrecht heeft. In artikel 27 lid 7 WOR is voorts vastgelegd dat regelingen over de wijze waarop de premie wordt vastgesteld en de keuze voor de onderbrenging bij een bepaalde pensioenuitvoerder in ieder geval onder het bereik van het instemmingsrecht vallen.

Spaak

Het verzoek loopt echter spaak op de uitzondering van lid 3. Uit de tekst van de cao bleek immers dat partijen daarin zijn overeengekomen dat het huidige ondernemingspensioenfonds de pensioenuitvoerder is van de pensioenovereenkomsten tussen KLM en haar vliegers. Dat bleek niet alleen al uit de definitie van pensioenfonds in de cao, maar ook uit het samenstel van bepalingen in de cao over de deelname van de vliegers in het pensioenfonds. Het was dus allemaal al geregeld en dus geen toestemming van de OR vereist.

KLM had geen instemming hoeven vragen aan de OR, omdat de OR op dit punt in deze feiten en omstandigheden geen instemmingsrecht heeft, maar KLM terug naar de onderhandelingstafel moet met haar vakbonden. De slim bedachte truc, om buiten de vakbonden om toch te realiseren dat er een andere uitvoerder en gewijzigde uitvoeringsovereenkomst kwam, bleek dus niet te werken.

De uitspraak laat echter onverlet, dat de OR in de WOR sinds 1 oktober 2016 wel meer instemmingsrechten heeft gekregen, mits de toets van lid 3 goed wordt doorstaan. Het uitgebreidere instemmingsrecht zal niet door iedere werkgever met gejuich worden ontvangen. En soms kan het zelfs voordeel bieden om een en ander in een cao te regelen of geregeld te hebben.

 


Theo Gommer
Over Theo

Mr. J. Theo Gommer MPLA CCFP (1966) is managing partner bij de &Gommer Pensions Group, bij Gommer & Partners Pensioen Advocaten en bij de Visitatie Commissie Pensioenfondsen. Hij was tot 2018 voorzitter van de Nederlandse Orde van PensioenDeskundigen. Verder is hij actief als [...]

Bekijk profiel