Vrijval HIR

Gerechtshof ’s-Hertogenbosch oordeelt in hoger beroep dat een HIR terecht is vrijgevallen.

Een ondernemer vormt een Herinvesteringsreserve na het behalen van winst met de verkoop van onroerende zaken. Het betreft een eenmanszaak die zich bezig houdt met de verhuur en exploitatie van bedrijfspanden en woningen. Na drie jaar valt de HIR vrij. De ondernemer vindt dat onterecht omdat hij vindt dat er bijzonder omstandigheden zijn waardoor de aanschaf van vervangende onroerende zaken is vertraagd. Het gerechtshof is dat echter niet met belastingplichtige eens.

Het gerechtshof vindt de stelling van belastingplichtige dat de vervanging is vertraagd, omdat de verkoop van andere onroerende zaken door het gekraakt zijn hiervan was vertraagd geen bijzondere reden. Dat wordt slechts aangemerkt al een eigen ondernemingskeuze en geen bijzondere omstandigheid waardoor de vervangingstermijn om de HIR in stand te kunnen houden wordt verlengd.