Wel of niet onder verplichtstelling Pensioenfonds?

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden moet beoordelen of een onderneming wel of niet onder de verplichtstelling van een pensioenfonds valt.

De Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het Beroepsvervoer over de weg vordert een verklaring voor recht dat werknemers van een vestiging van een onderneming onder de verplichtstelling vallen. Daarvoor moet aangetoond worden dat de in die vestiging meer dan 50% van de werkzaamheden worden uitgeoefend die behoren tot het wegvervoer.

De werkgever voert aan dat een aantal werknemers formeel in dienst is van een andere groepsmaatschappij en overlegt daarvoor loonstroken. Volgens de werkgever is een strikte scheiding aangebracht tussen transport- en warehousingactiviteiten en zijn de werknemers daar ook voor opgesplitst in verschillende vestigingen en rechtspersonen.

Het gerechtshof volgt de werkgever daarin en vindt dat het BPF onvoldoende aantoont dat een groep werknemers wel tot het wegvervoer behoorde. Ook is niet duidelijk waarom een bepaalde vestiging anders beoordeeld zou moeten worden dan andere vestigingen. Verder is er transport uitbesteedt aan een externe partij. Per saldo bedraagt het percentage van de loonsom van chauffeurs en planners afgerond 37% waarmee niet is voldaan aan het hoofdzakelijkheidscriterium en is er dus geen sprake van een geldende verplichtstelling.