Premium | FinSourceOne vaktechniek artikelen

Wijzigingen Wft Hypothecair Krediet 2017

Op 1 januari 2017 zijn enkele fiscale wetten aangepast, die van invloed zijn op het geven van een passend hypotheekadvies. Daarnaast is er andere wet- en regelgeving, zoals gewijzigde leennormen (NHG en niet-NHG) waarvan een hypotheekadviseur op de hoogte moet zijn. In dit nieuwsbericht geven we daarvan een beknopt overzicht.

We gaan ervan uit dat de nieuwsberichten van de onderliggende Wft-modules Basis en Vermogen al zijn gelezen. We herhalen de daarin beschreven wijzigingen hier niet. Zie de externe links

Bekende of al gepubliceerde wijzigingen
Veel van de wijzigingen die in zijn gegaan op 1 januari 2017, zijn al via eerdere berichten in WftNU behandeld. We herhalen deze niet volledig inhoudelijk, maar verwijzen deze berichten (zie externe links). Het gaat daarbij om:

  • Wijziging van de Starterslening van SVn;
  • De nieuwe wettelijke leennormen;
  • De nieuwe Voorwaarden en Normen van Nationale Hypotheekgarantie;
  • Gevolgen van invoering van de MCD-richtlijn op het toetsmoment;
  • Enkele fiscale wijzigingen die op Prinsjesdag zijn aangekondigd:
    • Codificatie van het besluit over vruchtgebruik en eigenwoningrente
    • Codificatie van het besluit over rentemiddeling
    • Codificatie van het besluit over de definitie van de eigen woning.

Ook de verdere afbouw van de LTV naar 101% (2016: 102%) en de verlaging van het maximale tarief voor aftrek van hypotheekrente naar 50,0% (2016:50,5%) waren al eerder bekend. 

Op Prinsjesdag is bovendien aangekondigd dat de aftrek voor onderhoudskosten voor monumenten zou worden afgeschaft. Dit voornemen gaat niet door. Onderhoudskosten voor monumentenpanden zijn na aftrek van eventuele subsidies voor 80% aftrekbaar in 2017. Dit geldt zowel voor monumenten in box 1 als in box 3. 

Eigenwoningforfait en bijtelling privégebruik woning
De tariefschijven voor het eigenwoningforfait blijven gelijk, net als de tarieven voor woningen met een WOZ-waarde tot en met € 1.060.000. 

 meer dan

maar niet meer dan

op jaarbasis

 –

€ 12.500

Nihil                                (ongewijzigd)

 € 12.500

€ 25.000

0,30% van deze waarde    (ongewijzigd)

 € 25.000

€ 50.000

0,45% van deze waarde    (ongewijzigd)

 € 50.000

€ 75.000

0,60% van deze waarde    (ongewijzigd)

 € 75.000

€ 1.060.000

0,75% van deze waarde    (ongewijzigd)

 € 1.060.000

€ 7.950 vermeerderd met 2,35% van de eigenwoningwaarde voor zover deze uitgaat boven   € 1.060.000 (2016: € 7.875 + 2,35% van de waarde boven € 1.050.000).

 De bijtelling van privégebruik van een zakelijke woning, geschiedt op basis van onderstaande tabel (artikel 3.19 Wet IB2001).

 meer dan

maar niet meer dan

op jaarbasis

 –

€ 12.500

1,05% van deze waarde               (ongewijzigd)

 € 12.500

€ 25.000

1,35% van deze waarde               (ongewijzigd)

 € 25.000

€ 50.000

1,50% van deze waarde               (ongewijzigd)

 € 50.000

€ 75.000

1,65% van deze waarde               (ongewijzigd)

 € 75.000

€ 1.060.000

1,80% van deze waarde (2016: 1,85%)

 € 1.060.000

–  

€ 19.080 vermeerderd met 2,35% van de woningwaarde voor zover deze uitgaat boven           € 1.060.000 (2016: € 19.425 + 2,35% boven de       € 1.050.000)

Kamerverhuurvrijstelling
Op basis van artikel 3.114 Wet IB2001 kan iemand de hele eigen woning blijven aanmerking als eigen woning, ook als deze deels verhuurd wordt. Dit kan slechts wanneer de huur op jaarbasis niet hoger is dan € 5.164 (2016: € 5.069). 

Toetsrente
De AFM heeft de toetsrente voor het eerste kwartaal van 2017 vastgesteld op 5,0% voor hypothecaire kredieten met een rentevaste periode van korter dan 10 jaar. 

Wijzigingen Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ)
Per 1 oktober 2016 zijn enkele wijzigingen van de Wet WOZ en de Kadasterwet in werking getreden. De wetswijziging is bedoeld voor de beoogde verruiming van de openbaarheid van de WOZ-waarde. Woningbezitters kunnen hierdoor in beginsel sinds 1 oktober 2016 via een website de WOZ-waarde van hun huis vergelijken met andere woningen in de buurt. Nog niet alle gemeenten zijn aangesloten bij het register. In de loop van 2017 moet iedereen inzage kunnen krijgen in alle WOZ-waarden van woningen.

Perspectiefverklaring
Om het toetsinkomen vast te stellen van iemand die een hypothecair krediet wil afsluiten, vraagt de geldgever vaak om een werkgeversverklaring. Voor flexwerkers of uitzendkrachten kan dit leiden tot een vertekend beeld van de werkelijke inkomsten of het arbeidsperspectief van die flexwerker. Daarom maken steeds meer geldgevers gebruik van de perspectiefverklaring. Deze verklaring is ontwikkeld door de Vereniging Eigen Huis, Randstad en Obvion.

De verklaring geeft een verwachting over de arbeidsmarktpositie van de flexwerker. Daarbij wordt rekening gehouden met het toekomstperspectief (op basis van onder meer vaardigheden, ervaringen en opleidingen). Hierdoor kan de perspectiefverklaring bijvoorbeeld stellen dat de flexwerker zijn huidige inkomen zal houden. De geldgever houdt dan het huidige inkomen als toetsinkomen aan (in plaats van een gemiddelde van de afgelopen 3 jaar, zoals nu vaak het geval is).

Premium | FinsourceOne vaktechniek artikelen

Je eerste 2 Premium vaktechniek artikelen voor deze maand zijn op.

Meer premium artikelen lezen?
Word dan Member!

Bekijk de Memberships